Steentuinen
Natuursteen of hergebruik
Voor de aanleg van rotstuinen worden onder meer zwerfkeien, maansteen, tufsteen, lavasteen, eifeliet-lava en alle soorten grind of split gebruikt. Al dit materiaal is van geologische oorspong en gaat gepaard met vernietiging van plekken in het landschap. Daarbij komt ook nog eens het transport dat zeer veel energie vraagt. Bij het aanleggen van rotstuinen moet we dus zeer kritsch zijn met het toepassen van geologisch materiaal.
Een zeer goed alternatief is hergebruik van sloopmateriaal van huizen en gebouwen en plaveisel. Het gaat hier om stukken muur, straatstenen, allelei soorten tegels etc. Met deze materialen kunnen kunnen rots- en muurtuinen worden gemaakt die niet onder doen voor rotstuinen die zijn aangelegd met exotische geologische materialen.
Aan het hergebruik van stenig sloop'afval' en afgeschreven stenen van allerlei verhardingen (trottoirs, pleinen, straten) heeft vooral Louis Le Roy een enorme inpuls gegeven.
Op alle mogelijke constructies kunnen stenen worden gestapeld. en worden opgevuld met minerale, zandige grond. De ruime voegen kunnen worden opgevuld met lemige grond of of pleksgewijs aan elkaar worden gemetsel met (te) zachte cement. Tussen deze voegen kunnen wilde bijen en andere insecten nestelen of toegang krijgen naar de diepere gedeelten van de rotstuin of steentuin.
 
 
Louis Le Roy als inspiratiebron
Le Roy stapelde stenen alleen op. Toevoegingen kwamen in hoofdzaak van bladval dat overging in humus. Het alleen maar opstapelen van stenen zonder toevoeging van grond, kan wel. Maar voor nestgelegenheid voor wilde bijen en de vestiging van planten is dat op korte termijn ongunstig. Daarnaast is het zeer lastig om planten aan te planten en ze aan de groei te krijgen. Als het om stapelen van stenen gaat, is de Ecokathedraal in Mildam een modeltuin en een bron van inspiratie.
 
Alleen aan de basis waar de wortels van de planten contact kunnen maken met de bodem is hier plantengroei mogelijk.
 
 
Amphitheater
 
Op losgstapelde stenen, vooral stoeptegels, duurt vestiging van planten en bijen zeer lang. Niet alleen door gebrek aan bewortelbare ruimte, maar ook door het te droge milieu. Op muren van losgestapelde stenen trekt vocht minder snel omhoog dan op muren met stenen doordat grond of cement met elkaar verbonden zijn.
 
Robertskruid heeft zich gevestigd.
 
In de hoeken van de trap hebben de planten de meeste kans van slagen
 
Op deze structuur heeft zich een humuslaag ontwikkeld, die tussen de voegen is ingespoeld en die een brug vormt naar de bodem. Als wortels van bomen en heesters de bodem hebben bereikt, groeit het snel dicht.
 
Enkele voorbeelden van vestiging van planten op stenig substaat.
Een oude buddleja geworteld in een smalle spleet tussen twee huizen in Zuid-Frankrijk. Het heeft vrijwel zeker decennia geduurd voordat deze plant zich kon vestigen.
 
Een dak van een afgebrand deel van een fabriek. Het dak is ingestort en de oude zoldervloer is bedekt met gebroken dakpannen. Door ingewaaid stof en blad konden zich na ca. 15 jaar berken vestigen.
 
Een oude loswal op het spoorwegemplacement van Apeldoorn (foto ca. 1992)
 
 
Rondom zijn de muren gemetseld, ook de trap. De laadplaats is geplaveid met kinderkopjes. Voor 1980 werd deze plek nog met herbiciden bespoten. Toen dit werd gestopt ontstond er na ruim tien jaar deze bosachtige vegetatie. Deze snelle onwikkeling was mogelijk omdat direct onder de verharding en achter de muren bewortelbare grond aanwezig was. Aanvankelijk was dat zeer voedselarm zand, maar dat is in de loop van decennia verrijkt met ingespoelde voedingsstoffen. Dit is dus het spiegelbeeld van de Ecokathedraal. Steentuinen en rotstuinen zitten hier ergens tussen in. Maar veel meer in de richtging van Le Roy dan deze losplaats.
 
Wilde Weeldetuin op de Tuinen van Appeltern (foto Emile Versluis)
De stapelmuur is toegevoegd voor meer structuur. Aan de randen van het zandpad kunnen wilde bijen nestelen. Met een kleine aanpassing kan deze muur ook als nestgelegenheid voor bijen dienst doen. Maar zo'n muur en de vele voorbeelden van Le Roy kunnen op termijn ook als schuilplaats dienen voor andere kleine dieren, zoals hagedissen. Ook losse stapelmuren kunnen op verschillende manieren bijdragen aan de biodiversiteit.
 
Stapel- en steenmuren gecombineerd met grond
Bottendaal aan de straatkant (foto 1996) - Een gestapelde steentuin gecombineerd met veel grond. In het begin (1996-2000) kwamen hier veel wilde bijen voor, die overal konden nestelen. Door verruiging en vergrassing zijn veel soorten planten verdwenen. Van de wilde bijen is dat onbekend.
 
Bottendaal aan de straatkant (foto 1996) -
 
Een stapelmuur met enkele houtschijven voor wilde bijen. aan de achterkant afgedekt met grond. In principe is de grond achter de stenen bereikbaar voor wilde bijen, vooral als de voegen ook zandige grond bevatten.
 
Gestapelde steentuinen, gedeeltelijk gevuld met grond
 
 
Gestapelde steentuin in compintie met bijenhotel (Winterbeeld)