Doorzichtige beplantingen zijn niet alleen van belang voor de beleving en het veiligheidsgevoel van mensen, maar ook voor de ontwikkeling van de kruidlaag. Maar niet alle doorzichtige beplantingen en bossen hebben een kruidlaag. Dat heeft ook met de lichtdoorlatendheid van de kronen te makken.
Transparante bosjes in woonwijk -- Veel bosjes in de Bijlmermeer zijn of waren transparant.
Doorzicht en overzicht bos -- Zulke lanen zijn vooral, als het zo bij de entree begint, vooral in de zomer niet uitnodigend. Het is er dan vrij donker en er is dan nog minder doorzicht dan bij dit vroege voorjaarsbeeld het geval is.
Essen-iepenbos -- Dit loofhoutbos heeft een goed en zeer fraai doorzicht tot ca. 50 meter diepte. Zulke beelden hebben betekenis voor bezoekers. (Kralingsebos 1997)
Zeer beperkt doorzichtig -- Het doorzicht kan erg beperkt zijn. Dit komt vaak voor bij jonge aanplant die tot een paar meter hoogte is uitgegroeid, bij stakenbos vooral bij naaldhout of bij massale opslag van naald- en loofhout. In sommige gevallen heeft een beperkt doorzicht ook visueel zijn positieve kanten zoals dit het geval is met dit berkenbroekbos in Oost-Polen. Het effect is met een 200 mm teleobjectief versterkt.
Doorzicht productiebos -- Productiebossen zijn na één of meer dunningen ook goed doorzichtig. Het kan echter nog enkele decennia duren voordat het aanzien van dit bosgedeelte ook inspirerend is. (Bij Elst, Utrechse Heuvelrug 1992)
Overzicht entree -- In bos en bosachtige beplantingen is ook overzicht van belang. Een ruime entree kan een uitnodigend effect hebben (Zeist 2005)
Doorzicht en strooisel -- Doordat beukenbossen een weinig lichtdoorlatende kroon hebben en de bodem voedselarm en zuur is, groeit hier vrijwel niets. Het doorzicht is hier dus volledig. Door de schaduw en het zure milieu is de bodem volledig met strooisel bedekt.