Lapse behangersbij - Megachile lapponica Minder algemeen tot zeldzaam
Lijkt zeer veel op de gewone behangersbij op foto's is het verschil niet of moeilijk te zien.
Lengte: vr 10-12 mm; m 9-11 mm
Drachtplanten: voornamelijk wilgenroosje
Koekoeksbijen: Coelioxys inermis
Foto's: Vrouwtje Op wilgenroosje Uitgesneden blad van wilgenroosje Volledige tekst
        Verantwoording
 
 
 
 
-- Terug naar top
Lapse behangersbij - Megachile lapponica lijkt zeer veel op de gewone behangersbij op foto's is het verschil niet of moeilijk te zien.
Vrouwtje: buikschuier (scopa) grotendeels rood, de punt (5e en 6e sterniet) zwart; rugsegmenten met dichte witte haarbanden het 6e tergiet met afstaande zwarte beharing; spoor aan de achterpoten stomp; clypeus zeer regelmatig en dicht gepunteerd; lengte 10-12 mm.
Mannetje: schedel en bovenkant borststuk zwartbruin behaard; rugsegementen met smalle grijsbruine haarbanden, sternieten grotendeels zwart behaard; voor 6e en 7e tergiet zie Van de Zande pag. 12; Lengte 9-11 mm. foto http://tinyurl.com/8xv9ved
Vliegperiode: juni-augustus
Habitat: bosranden en zoomvegeaties op vrij arme tot schrale bodems..
Nesten: in dood hout, ook in bijenhotels.
Bloembezoek: volgens Westrich (1989) voornamelijk wilgenroosje. zie verder samenvatting.
Voorkomen in Nederland: minder algemeen tot zeldzaam in het oostelijke gedeelte van het land.
Koekoeksbijen: zie samenvatting.
Samenvatting Peeters, T.M.J., Raemakers, I. P., Smit, Jan: Deze noordelijke soort werd in 1958 voor het eerst in Nederland opgemerkt (Van der Vecht 1959). Sindsdien blijkt dat ze in heel oostelijk Nederland kan worden aangetroffen. De soort nestelt in bestaande bovengrondse holten, zoals in paaltjes en dennenstammen, maar in de stedelijke omgeving ook plaatselijk talrijk in nestblokken. Voor de nestbouw worden onder meer bladdelen van wilgenroosje Chamerion angustifolium gebruikt (Vegter 1961). Het is een polylectische soort. Pollenonderzoek in Nederland toonde aan dat de nestcellen geproviandeerd worden met pollen uit diverse planten­ families (Burgmans 1993). Volgens Petit (1977) en Haeseler (zie Westrich 1989) echter verzamelt M. lapponica alleen pollen op wilgenroosje. Coelioxys inermis komt in aanmerking als koekoeksbij (Lefeber 1979). (Bron onderstaande link nederlandsesoorten)
Beheer: wilgenroosje kan zich decennia lang in stand houden. Speciaal beheer is vaak niet noodzakelijk, wel moet te veel schaduw worden voorkomen.
Meer info en foto's: http://www.nederlandsesoorten.nl/nsr/concept/0AHCYFAZBJFU/introduction  
  http://www.tierundnatur.de/wildbienen/eb-mlapp.htm  
 
 
 
 
Lapse behangersbij - Megachile lapponica (Foto beschikbaargesteld door Henk Wallays: http://tinyurl.com/7ptc4m9) Terug naar top
 
 
 
Lapse behangersbij - Megachile lapponica - volgende foto Terug naar top
 
 
Lapse behangersbij - Megachile lapponica Terug naar top
 
 
Uitgesneden blad van wilgenroosje door Lapse behangersbij Terug naar top
 
 
  Terug naar top
Gewone kegelbij - Coelioxys inermis