Verantwoording
Op deze pagina wordt per thema aangegeven op welke elke bronnen de website www.denederlandsebijen.nl is gebaseerd.
Alleen in bijzondere gevallen worden er afzonderlijke bronnen genoemd.
 
Beschrijving bijensoorten - Er is gebruik gemaakt van verschillende determineer tabellen; de beschrijving van een afzonderlijke soort is meestal een combinatie van kenmerken afkomstig van verschillende auteurs. Het grootste deel van de bijen is ook onder het binoculair bekeken. Daarnaast zijn de foto's op deze website steeds met foto's van andere website vergeleken. Met nadruk moet worden opgemerkt, dat de naam van veel bijensoorten aan de hand van een foto zelfs door de beste bijenkenners niet met zekerheid kan worden vastgesteld. Maar als men de auteurs min of meer kent en weet hoe ze werken, is het meestal zeer waarschijnlijk dat de naam juist is. Bij veel soorten kunnen de mannetjes alleen aan de hand van de genitaliën op naam worden gebracht. De beschrijvingen van de maskerbijen zijn vrijwel volledig gebaseerd op eigen onderzoek (Koster, 1986).
Vliegperioden - De vliegperioden van de afzonderlijke bijen zijn gebaseerd op de Vliegdiagrammen in Peeters et al. (2012). Het gaat hier niet om een exacte weergave per 10 dagen, maar om een globaal beeld van het verloop van de vliegperiode. De diagrammen zijn met behulp van Excel samengesteld en geven het vliegverloop per maand aan. Dat betekentdat de top van de vliegperiode meestal in het midden van de maand ligt terwijl dat in werkelijkheid ook het begin of het eind van de maand kan zijn. Een vliegperiode geeft een landelijk beeld weer. In het Zuiden van het land vliegen de bijen vaak eerder dan in het Noorden.
Habitat: Is grotendeels gebaseerd op eigen waarnemingen en eigen onderzoek. Daarnaast is vooral gebruik gemaakt van Westrich (1989); verder ook van Peeters et al. (2012).
Nestgelegenheid - Is voor een groot deel gebaseerd op eigen waarnemingen. Verder is gebruik gemaakt van Westrich (1989 en 2011). Bezoeken aan en persoonlijke mededelingen over bijenhotels vormden een belangrijk ondersteuning'. Vooral de bijenhotels van Dick Belgers (Wageningen), Cor Evers (Maastricht). Voor details over nesten wordt verwezen naar Peeters et al. (2012).
Bloembezoek/drachtplanten - Is voor het overgrote deel gebaseerd op eigen onderzoek en waarnemingen (Zie www.drachtplanten.nl). Daarnaast is ook gebruik gemaakt van Westrich (1989).
Voorkomen in Nederland- het landelijk voorkomen is geheel gebaseerd op Peeters et al. (2012), maar vaak wel met een eigen interpretatie. Een soort kan landelijk zeer zeldzaam zijn, maar lokaal algemeen. Anders om komt ook voor. Veel soorten die algemeen zijn, zijn in klei- en laagveengebieden zeldzaam tot zeer zeldzaam. Voor het voorkomen op lokaal niveau wordt verwezen naar de link "Zoek een bij in een regio, stad of provincie"
Koekoeksbijen -Voornamelijke Westricht (1989), gedeeltelijk Peeters et al. 2012)
Bijenbeheer - Is vrijwel volledig gebaseerd op eigen onderzoek.
Foto's - Zie onder Josef Dvorak. Waar de naam ontbreekt zijn het eigen foto's. Afhankelijk van de expliciete wens van de auteur is ook de link van de website bij de foto's geplaatst.
 
 
Literatuur waar deze website is op gebaseerd.
Een selectie van publicaties Van Arie Koster
1980. Enkele gegevens over het bijengeslacht Hylaeus in Nederland in 1979 en 1980. Doctoraalverslag Rijksmuseum van Natuurlijke Historie, Leiden. 65 p.
Koster, A., 1985. De Bijenwolf, Philanthus triangulum Fabricius, 1775 algemeen op spoorwegterreinen in Zuid-Nederland, Hymenoptera: Sphecidae. Entomologische Berichten, Amsterdam 45, 6: 75-77.
Koster, A., 1985. Spoorwegterreinen van betekenis voor plant en dier. De Levende Natuur 86, 6: 194-199.
1986. Aantekeningen over de spoorwegflora en -fauna van Friesland. Vanellus 39, 5: 113-121.
1986. Het genus Hylaeus in Nederland (Hymenoptera, Colletidae). Zoölogische Bijdragen 36: 1-120.
1986. Meer mogelijkheden voor insekten in wegbermen. De Levende Natuur 87, 5: 154-157.
1986. Sterke uitbreiding van de Gehoornde maskerbij (Hylaeus cornutus Curtis, 1831) langs het spoor in Zuid-Limburg. Natuurhistorisch Maandblad 75, 12: 235-238.

Koster, A., 1987. Stedelijk groen, honingbijen en entomofauna. Natura 84, 6: 123-128.

Koster, A., 1988. Natuurlijke begroeiing langs vijverkanten. Groen 44, 12: 34-39.

1988. Stedelijk groen meer oecologisch beheerd? De Levende Natuur 89, 6: 162-166.
1988. Insektenbeheer: Gewenst beheer van sterk door de mens beïnvloede levensgemeenschappen zowel in het landelijk als in het stedelijk gebied. Wetenschappelijke Mededeling KNNV 187. 112 p.
1989. Insektenbeheer in wegbermen en langs spoorlijnen. In: W. Ellis, Wetenschappelijke Mededeling KNNV 192; 151-161.
1989Stedelijk groen natuurlijker. Notitie 20. Ministerie van Landbouw en Visserij, Adviesgroep Vegetatiebeheer, Wageningen. 142 p. (oplage 6000 ex.)
1991. Spoorwegterreinen, toevluchtsoord voor plant en dier. KNNV, Utrecht. 236 p.
1993. Vademecum wilde planten. Schuyt, Haarlem. 272 p. (6 drukken)
1994. De groene omgeving: een bijdrage aan een gezonde samenleving. Schuyt, Haarlem. 184 p. (oplage 4000 ex)
1998. Ecologisch beheer van beplantingen in het stedelijk gebied. IBN-rapport 369. Instituut voor Bos- en Natuuronderzoek, Wageningen. 349 p.
1998. Natuur en groen in de stad. In: A.M.P. Zinger, A.M. Cox, M.J.F. Gerwen, E. Hoeflaak & S.R.J. Jansen, Ruimtelijke ordening en milieu. Samsom, Alphen aan den Rijn; 421-453.

1998. Van tegeltuin tot lusthof. Een verkenning van de mogelijkheden voor groen en natuur in groenarme straten, buurten en compacte woonwijken of Vinexlocaties. IBN-Rapport. Instituut voor Bos- en Natuuronderzoek, Wageningen. 391: 41 p.

1999. Honingwinning in relatie tot maatschappelijke aspecten. IBN-rapport 438. Instituut voor Bos- en Natuuronderzoek, Wageningen. 86 p.+ bijlage.
1999. Advies voor omvorming van de bermen In de Griffensteynselaan in Zeist. Rapport. Instituut voor Bos- en Natuuronderzoek. 19 p.; bijlagen.
1999. Wilde bijen in relatie tot het groenbeheer in de stad Arnhem. Rapport. Instituut voor Bos- en Natuuronderzoek. 21 p.; bijlagen.
1999. Wilde bijen in relatie tot het groenbeheer in de stad Groningen. Rapport. Instituut voor Bos- en Natuuronderzoek. 19 p; bijlagen.
1999. Wilde bijen in relatie tot het groenbeheer in de stad Hilversum. Rapport. Instituut voor Bos- en Natuuronderzoek. 45 p.
1999. Wilde bijen in relatie tot het groenbeheer in Deventer. Rapport. Instituut voor Bos- en Natuuronderzoek. 52 p.
1999. Wilde bijen in relatie tot het groenbeheer in Maastricht. Rapport. Instituut voor Bos- en Natuuronderzoek. 46 p.
1999. Wilde bijen in relatie tot het groenbeheer in Nijmegen. Rapport. Instituut voor Bos- en Natuuronderzoek. 41 p.
1999. Wilde bijen in relatie tot het groenbeheer in Rotterdam. Rapport. Instituut voor Bos- en Natuuronderzoek. 53 p.
1999. Wilde bijen in relatie tot het groenbeheer in Zutphen. Rapport. Instituut voor Bos- en Natuuronderzoek. 37 p.
2000. Ecologisch groenbeheer in Veenendaal rond het jaar 2000; een evaluatie van het beheer in de negentiger jaren: Alterra-rapport. 76. Alterra, Wageningen. 185 p.
2000. Wilde bijen in het openbaar groen 2. Groen 56, 4: 11-16.
2000. Wilde bijen in het openbaar groen 2: cologische kwaliteit ook door bijen bepaald. Bijen
2000. Wilde bijen in het stedelijk groen, een evaluatie van ecologisch groenbeheer. Alterra-rapport 48. Alterra, Wageningen. 220 p.
2000. Wilde bijen in relatie tot het groenbeheer in Barneveld en Voorthuizen. Alterra-rapport 041.73 p.
2000. Wilde bijen in relatie tot het groenbeheer in de stad Ede. Alterra-rapport 19. 86 p.
2001. Bijen in het openbaar groen: pioniervegetaties, Grasland, ruigte en beplantingen. Groen 57 (7/8): 23-29.
2001. Wilde bijen in relatie tot het groenbeheer in Amsterdam. Alterra-rapport.
2001. Wilde bijen in relatie tot het groenbeheer in Sneek. Alterra, Wageningen.  & Gemeente Sneek. 81 p.
2001. Openbaar groen op ecologische Grondslag. Proefschrift, Landbouwuniversiteit Wageningen. 264 p. (pdf)
2001. Ecologisch groenbeheer. Schuyt, Haarlem. 192 p.
2002. Ecologisch groenbeheer. In: R.E. Roggema (red.). Handboek ruimtelijke ordening en milieu, 2002/2003.Kluwer, Alphen aan den Rijn. p. 335-351.
2004. Aanleg van en omvorming tot bloemrijk grasland. Tuin & Landschap, themanummer 6a: 8-10.
2007. Plantenvademecum voor tuin park en landschap. Fontaine Uitgevers, s-Graveland: 416 p.
2010. Betekenis van bijen voor mens en natuur: bijensterfte vergt extra maatregelen. Natura 106 (5): 140-142.
2010.  Openbaar groen en de betekenis voor bijen: Aandachtspunten en richtlijnen voor het bevorderen van de bijenstand door middel van ecologisch groenbeheer en het toepassen van stuifmeel- en nectarproducerende planten (drachtplanten). Bijenstichting 53 pp. (pdf)
2013. Meer wilde bijen in en om stedelijk gebied . Groen 69 (3): in druk.
Koster, A., & M. Claringbould 1991. Natuurlijker groenbeheer in Nederlandse gemeenten. VNG-uitgeverij, Den Haag. 160 p.
Koster, A., & P. Zonderwijk 1995. Hommelbeheer is vegetatiebeheer. Natura 92, 9: 234-235.
Koster, A., H. Naber & P. Zonderwijk 2000. Rapport over onderzoek naar aanvaardbare bestrijding van de akkerdistel in het Markiezaatsmeer. Gerechtshof, Den Bosch. 16 p. + bijlagen.
Lanuyt, W. van, M. Hermy & A. Koster 1997. Natuur in de stad en het verstedelijkt gebied: De natuur van onze cultuur. In: M. Hermy & G. de Blust, Punten en lijnen in het landschap. Schuyt, Haarlem; Van de Wiele, Brugge; 223-239.
 
Algemene literatuur
Benno, P. (1969). Vliesvleugelige insekten - Hymenoptera, Angeldragers, Hymenoptera Aculeata De Nederlandse bijen, Apoidea. Wetenschappelijke Mededelingen KNNV 18. KNNV, Hoogwoud, pp. 32.
Haeseler, V. (1982). Ameisen, Wespen und Bienen als Bewohner gepflasterter Bürgersteige, Parkplätze und Strassen (Hymenoptera Aculeata). Drosera 1: 17-32.
Koster, A., & P. Zonderwijk 1995. Hommelbeheer is vegetatiebeheer. Natura 92, 9: 234-235.
Lefeber, V. (1969). De aculeaten van de St. Pietersberg met inbegrip van Louwberg en Jekerdal. Entomologische Berichten, Amsterdam 29 (10): 224-240.
Lefeber, V. (1983). Bijen en wespen (Hymenoptera, Aculeata) binnen de stedelijke bebouwing van Maastricht, 1. Natuurhistorisch Maandblad 72 (8): 143-146.
Lefeber, V. (1983). Bijen en wespen (Hymenoptera, Aculeata) binnen de stedelijke bebouwing van Maastricht, 2. Natuurhistorisch Maandblad 72 (12): 253-255.
Lefeber, V. (1984). Bijen en wespen (Hymenoptera, Aculeata) binnen de stedelijke bebouwing van Maastricht, 3. Natuurhistorisch Maandblad 73 (2): 27-29.
Lefeber, V. (1984). Bijen en wespen (Hymenoptera, Aculeata) binnen de stedelijke bebouwing van Maastricht, 4. Natuurhistorisch Maandblad 73 (4): 74-76.
Lefeber, V. (1991). Hymenoptera Aculeata (bijen en wespen) langs Limburgse spoorlijnen. Natuurhistorisch Maandblad 80 (4): 74-78.
Lefeber, V. (1998). Weer aculeatennieuws uit Zuid-Limburg (Hymenoptera: Apidae) Entomologische Berichten 58 (12): 238-240.
Peeters, Th.M.J., I.P. Raemakers & J. Smit (1999). Voorlopige Atlas van de Nederlandse bijen (Apidae). EIS-Nederland, Leiden, pp. 230.
Peeters, T. M.J., H. Nieuwenhuijsen, J. Smit, F. van der Meer, I. P. Raemakers, W. R.B. Heitmans, K. van Achterberg, M. Kwak, A. J. Loonstra, J. de Rond, M. Roos & M. Reemer, 2012. De Nederlandse bijen. Natuur in Nederland deel 11, 544 pp. Naturalis Biodiversity Center en EIS-Nederland Leiden i.s.m. KNNV Uitgeverij. ISBN: 978 90 5011 447 9
49,95
Smit, J., [1997]. Speuren langs het spoor: Verslag van 10 jaar bijen en wespen inventariseren op het spoorwegemplacement van Westervoort (1987 t/m 1996). Particuliere uitgave: 26 p.
Vogel, S. (1986). Ölblumen und ölsammelnde Bienen - zweite Folge. Lysimachia und Macropis. Tropische und subtropische Pflanzenwelt 54. Akademie der Wissenschaften und der Literatur, Mainz, pp. 149-312.
Westrich, P. (1989). Die Wildbienen Baden-Württembergs. Ulmer, Stuttgart, pp. 972.
Westrich, P. (1987). Wildbienen-Schutz in Dorf und Stadt. Landesanstalt für Umweltschutz Baden Würtemberg, Karlsruhe, pp. 24.
Zucchi, H., (1995). Die Tierwelt eines städtischen Gartens. Zur Bedeutung naturnaher Flächen für den Artenschutz. Naturschutz und Landschaftsplanung 27: 169-175.
 
 
Determinatie en beschrijving
Ebmer, P.A.W., 1969. Die Bienen des Genus Halictus Latr. sl. Im Grossraum von Linz (Hymenoptera, Apidae). Naturkundliches Jahrbuch der Stadt Linz 15: 133-183.
Ebmer, P.A.W., 1970. Die Bienen des Genus Halictus Latr. sl. Im Grossraum von Linz (Hymenoptera, Apidae). Naturkundliches Jahrbuch der Stadt Linz 16: 19-82.
Ebmer, P.A.W., 1971. Die Bienen des Genus Halictus Latr. sl. Im Grossraum von Linz (Hymenoptera, Apidae). Naturkundliches Jahrbuch der Stadt Linz 17: 63-156.
Ebmer, P.A.W., 1973. Die Bienen des Genus Halictus Latr. sl. Im Grossraum von Linz (Hymenoptera, Apidae). Naturkundliches Jahrbuch der Stadt Linz 19: 123-158; Fig 145-154.
Koster, A., 1986. Het genus Hylaeus in Nederland (Hymenoptera, Colletidae). Zoölogische Bijdragen 36: 1-120.
Nieuwenhuijsen, H., 2007. Determinatietabel voor de Nederlandse Anthophora-soorten. Nieuwsbrief Sectie Hymenoptera NEV – nr. 26, december 2007: 73-76.
Nieuwenhuijsen, H. & I. Raemakers, 2009. Tabel voor de bijen van het genus Hylaeus in Nederland Nederland. Nieuwsbrief Sectie Hymenoptera NEV – nr. 29, april 2009: 28-36.
Scheuchl, E., 1996. Illustrierte Bestimmungstabellen der Wildbienen Deutschlands und Osterreichs. Band II. Megachilidae - Melittidae. Eigenverlag, Velden. 116 p.
Schmid-Egger, C. & E. Scheuchl, 1997. Illustrierte Bestimmungstabellen der Wildbienen Deutschlands und Osterreichs. Band IIl. Andrenidae. Eigenverlag, Velden. 180 p.
Schmiedeknecht, O., 1920. Die Hymenopteren Nord- und Mitteleuropas. 2e aufl. Verlag G. Ficher. 1062 p.
Smit, J., 2004. De wespbijen (NOMADA) van nederland (hymenoptera: apidae). Nederlandse faunistische mededelingen 20: 126 p.
Smit, J., 2009. Determinatietabel voor de bijen van het genus Determinatietabel voor de bijen van het genus Colletes in Nederland. Nieuwsbrief Sectie Hymenoptera NEV – nr. 30, november 2009. 65-68.
Vecht, J. van der (1928). Hymenoptera Anthophila, Q XIII A. Andrena. Fauna van Nederland 4: 1-144.

Zanden,  G. van der, 1982.  Tabelen, verspreidingsatlas vandenederlandse niet-Parasitaire megachilidae (Hymenoptera: Apidae)  Stichting European Invertebrate Survey - Nederland Rijksmuseum van Natuurlijke Historie, Leiden, Nederland. 48 p.