Sluit deze pag. met kruisje rechts boven!-
G1 -- Soorten van grasland- en biesachtige vegetaties op natte tot (zomer)vochtige, voedselarme,
zure/zwak zure (soms en vooral langs de kust basische) bodem inclusief natte heide
Foto's --- Uitgebreid overzicht soorten  
Voorkomen -- Vaak op natte schrale en zure bodems; buiten de natuurreservaten, in bermen, natte, maar in de zomer droogvallende greppels van wegbermen en spoorwegen, kanaalbermen vooral op lagere gedeelten van taluds, in plasbermen; in natuurontwikkelingsgebieden, onder meer in de natuurtuin van Muntendam. "volledig" ontwikkelde planten gemeenschappen vrijwel uitsluitend in natuurgebieden of terreinen die als natuurreservaat worden beheerd.
Nectar- en stuifmeelplanten
Gidssoorten: blauwe knoop, gevlekte orchis, gewone dophei, grote veenbes, kleine veenbes, lavendelhei, Moeraswespenorchis, rode bosbes, Spaanse ruiter, tormentil, vossenbes.
Overige soorten: echte koekoeksbloem, grote kattenstaart, grote ratelaar (hommels), grote wederik (slobkousbij), kale jonker, kleine valeriaan, kruipwilg, rijsbes, trosbes, watermunt.
Geen bijenplanten -- Gidssoorten: hennegras, moerasstruisgras, pijpenstrootje, ronde zonnedauw, veenpluis, zwarte zegge. -- Overige soorten: blauwe zegge, egelboterbloem, gewone waternavel, gewoon reukgras, melkeppe, moerasvaren, moeraswalstro, paddenrus, ruw walstro, smalle stekelvaren, snavelzegge, veelbloemige bies, veldrus.
Beheer -- Eenmaal per jaar maaien en afruimen.
a. Op natte terreinen eind juli - eind augustus; bij later maaien kan het terrein al weer te nat worden.
b. Op vochtige, goed begaanbare bodems tot begin oktober.
c. Bij aanwezigheid van orchideeën na 15-30 augustus of de zaadrijping.
d. Bij aanwezigheid van Blauwe knoop eind september - begin oktober (alleen op vochtige bodems).
e. Bij dominantie van Dophei mogelijk eenmaal in de vijf jaar in het voorjaar.
In natuurreservaten wordt er ook geplagd en begraasd.
 
Foto's bij beheertype G1
Blauwe knoop groeit buiten de natte hooilanden, zij het vrij schaars, ook in allerlei grazige lintvormige landschapselementen zoals bermen van autowegen, spoorwegen, boerenlandwegen, kanaalbermen en taluds, dijken en op natte overhoeken. Als de soort eenmaal goed is gevestigd, kan die zich op relatief droge bodem nog een lange tijd handhaven. (Kanaal Almelo-Tubbergen 1996)
 
 
Blauwe knoop in een nat hooiland bij veenendaal; op de achtergrond grote wederik; op de voorgrond vertakte leeuwentand en kale jonker.
 
 
Blauwe knoop in een nat hooiland bij veenendaal; fragment vegetatie
 
 
Gewone dophei -- Natte heideterreinen met gewone dophei van deze omvang komen alleen in natuurreservaten voor. (Terschelling 1998)
 
 
Gewone dophei -- Detail vegetatie.
 
 
Nat hooiland met gevlekte orchis en wollengras -- Als we de waterstand kunnen herstellen en voedselrijk water weren, krijgen natte, schrale hooilanden weer meer kansen. (Terschelling 1994).
 
 
Fragment met gevlekte orchis
 
 
Gevlekte orchis
 
 
Grote veenbes (Cranberry) -- Niet uit alle natuur hoeven mensen te worden geweerd, zelfs niet als de natuur tamelijk kwetsbaar is. Het blijvend voorkomen van de grote veenbes, exclusief voor de Waddeneilanden, is daar een voorbeeld van. Recreanten en inwoners mogen hier vrij bessen plukken. Op sommige eilanden mag alleen kleinschalig worden geplukt, zodat ieder zijn deel kan bemachtigen.
 
 
Bloei van grote veenbes -- Detail vegetatie.
Naar top pagina
 
Overzicht soorten G1
Voor het voorkomen in plantengemeenschappen in "natuurlijk of ongestoorde" milieus en een volledig overzicht van de plantensoorten zie startpagina. www.bijenhelpdesk.nl
W.bij: wilde solitaire bijen; Hom: hommels: Hb: honingbijen; Vlin: vlinders.
Agrostis canina - Moerasstruisgras: VAST: jun-aug; in pollen, bovengrondse uitlopers aanwezig. Hemi, 0,2-0,7. Natte, voedselarme, zure bode; op veengronden, hooilanden en in duinvalleien; bermen en plasbermen. Zon. (inh); BEHEERTYP: G1,V2, B&S 1.        
Anthoxanthum odoratum - Gewoon reukgras: VAST: apr-jun. Hemi, 0,2-0,6.Natte tot droge, voedselarme tot matig voedselrijke, humushoudende, zandige en venige bodems; in bermen, grasland, op dijktaluds; beschaduwd-zon. (inh); ZINTUIGPL: S.stengel; BEHEERTYP: G1, G2, G7, G8.        
Calamagrostis canescens - Hennegras: VAST: jun-jul: Hemi: 0,6-1,5. Meestal op natte, voedselarme tot matig voedselrijke, venige en zandige bodems; in drassige graslanden, veenmoerassen, broekbossen, langs waterkanten, in greppels en veel in spoorsloten en -greppels; waar dit gras voorkomt zijn interessante ruigtenkruiden te verwachten; licht beschaduwd-zon (mits een natte bodems). (inh); FAUNA: Vlin (rupsen); BEHEERTYP: G1, G8R1, B&S 1, 6.        
Carex nigra - Zwarte zegge: VAST: apr-jun. Hemi/Helo, 0,2-0,7. Natte tot vochtige, voedselarme leem-, zand-, veenbodems; onder meer in grasland en heiden. Zon. (inh); BEHEERTYP: G1.        
Carex panicea - Blauwe zegge: VAST: apr-mei. Hem/Helo, 0,1-0,4. Natte tot vochtige, voedselarme tot schrale bodems, niet op klei; op grazige plaatsen. Zon. (inh); BEHEERTYP: G1.        
Cirsium dissectum - Spaanse ruiter: VAST: jun-jul, paarsachtig alleenstaand. Hemi, 0,3-0,8. Natte, schrale bodems in grazige vegetaties; in blauwgraslanden, duinvalleien; op heischrale en venige bodems. Zon. TUIN (inh); BEHEERTYP: (WB) G1. W.bij Hom Hb1 Vlin
Cirsium palustre - Kale jonker: TWEEJARIG: jun-sep, paars, blw. eindelingse kluwens. Hemi, 0,8-1,5. Natte, matig voedselrijke, zandige, lemige, lichte kleiige, venige of humushoudende bodems; steeds onder invloed van het grondwater; in grazige tot enigszins ruige vegetaties en in broekbossen, in hooilanden, duinvalleien, greppels en spoorgreppels, langs slootkanten, in natte bermen en langs vijverkanten; kan lang onder water staan. Zon. TUIN (inh); BEHEERTYP: G1, G8, B&S 1, 6. W.bij Hom Hb3 Vlin
Dactylorhiza maculata - Gevlekte orchis: VAST: jun-jul, lichtpurper ongeveer de kleur van pinksterbloem tot bijna witachtig e met donkere purper vlekjes. Geof, wortelstok, 0,2-0,6. Natte tot zeer vochtige, voedselarme, zandige en venige bodems; op heidevelden, in schraalgraslanden en op grazige plaatsen in de duinen; verder in weg- en spoorbermen en op allerlei sloot- en greppelkantjes. Zon. TUIN (inh); BEHEERTYP: (WB) G1.   ? Hb1  
Drosera rotundifolia - Ronde zonnedauw: EENJARIG: jul-aug, wit, blad rood. Ther, 0,5-0,25. Natte, open of droogvallende, zure voedselarme veen-, zand- en leembodems; op heidegrond, afgeplagde of drooggevallen gronden, greppels en poelen; verder veelal in open grazige vegetaties. Zon. (inh); BEHEERTYP: (WB) P1, G1.        
Epipactis palustris - Moeraswespeorchis: VAST, jun-aug, combinatie van wit, rood, geel. Geof, wortelstok, 0,15-,0,4 (0,6). Natte tot zomer vochtige, vrij schrale, maar kalkhoudende zandige tot lemige bodems; gewoonlijk in grazige vegetaties; graslanden, bermen, duinvalleien, grazige overhoeken en braakliggende terreinen op industrie terreinen. Zon. TUIN (inh); BEHEERTYP: (WB) G1k.     Hb1  
Erica tetralix - Gewone dophei DWERGHEESTER, groenblijvend: h1j, jun-sep, roze, blw. schermvormig hoofdje. Cham, tot 0,4b. Natte tot vochtige, voedselarme, zure, zand-, leem- en veenbodems; in heideterreinen, duinvalleien, vennen, bermen, insnijdingen van autowegen en spoorwegen, greppels. Zon. TUIN (inh); ZINTUIGPL: G.bloem; BEHEERTYP: G1, B&S 1. W.bij Hom Hb5 Vlin
Eriophorum angustifolium - Veenpluis: VAST: apr-mei, wit, blw. eindelings een zeer pluizige aar. Hemi/Geof, wortelstok, 0,4-0,5. Natte, voedselarme, zure, zandige en venige bodems; op natte heide, in vennen en in de duinen; verder in natte weg- en spoorbermen, in greppels en natte heide restanten. Zon. TUIN (inh); BEHEERTYP: G1, V2.        
Galium palustre - Moeraswalstro: VAST: mei-sep, wit. Helo, 0,2-0,6. Natte, voedselarme tot zeer voedselrijke zandige tot kleiige en venige bodems; ook in zwak brakke milieus; langs sloten, vijvers en plassen, in natte graslanden, greppels, veenmoerassen. Zon. TUIN (inh); BEHEERTYP: G1, G8, R8.        
Galium uliginosum - Ruw walstro: VAST: jun-sep, wit; bladtop stekelpuntig. Helo, 0,2-0,6. Natte, voedselarme tot matig voedselrijke, humeuze, zandige tot venige bodems; in natte graslanden, duin valleien, greppels, spoorsloten en bermen van kanalen en watergangen. Zon. (inh); BEHEERTYP: G1, G8.        
Hydrocotyle vulgaris - Gewone waternavel: VAST: jul-okt, blw. compact en zeer klein en trosachtig gegroepeerd, Hemi/Helo, 0,05-0,25. Natte, voedselarme tot matig voedselrijke en veelal zwak zure milieus; in grazige begroeiingen, greppel- en slootkanten, in lichte bossen, duin valleien. Zon-licht-beschaduwd. TUIN (inh); BEHEERTYP: G1, G8, B&S 1.        
Juncus acutiflorus - Veldrus : VAST: jun-sep, bladen met tussenschotten, te voelen door blad tussen de vingers door te trekken. Hem/Helo, 0,2-0,6. Natte, voedselrijke bodems; in grazige vegetaties en op open gronden: langs waterkanten, sloten, stadsvijvers en vijvertaluds, in zand- en kleiafgravingen en drassige graslanden. Zon. (inh); BEHEERTYP: G1, G8.        
Juncus conglomeratus - Biezenknoppen: VAST: mei-jun, blw. compact; merg in stengel niet onderbroken. Hemi, 0,3-1,0. Natte tot vochtige, voedselarme tot matig voedselrijke, veelal zure, zandige, lemige en venige bodems; voornamelijk in grazige vegetaties: in duinvalleien, hooilanden, weg- en spoorbermen, natte greppels en zandafgravingen. Zon. (inh); BEHEERTYP: G1, G8, R2.        
Juncus subnodulosus - Padderus: VAST: jun-sep. Geof/Hemi, 0,5-1,2. Natte, moerassige, voedselarme tot matig voedselrijke zandige en venige bodems; langs sloten- en plassen. Zon. (inh); BEHEERTYP: G1, G8, V3.        
Luzula multiflora - Veelbloemige bies : VAST: apr-jun. Hemi, 0,2-0,5. Vrij natte tot vochtige, voedselarme en schrale, humushoudende, zandige, lemige en venige bodems; in graslanden, bermen, spoorbermen, heidevelden, bossen en op opgespoten zandgronden in het binnenland; licht beschaduwd-zon. (inh); BEHEERTYP: G1G2, B&S 2.        
Lychnis flos-cuculi - Echte koekoeksbloem: TWEEJARIG: mei-jun sep, roze. Hemi, 0,3-0,7. Vochtige tot drassige, matig voedselrijke zandige en venige bodems; langs oevers, sloot- en vijverkanten, in natte grasvelden, buitenbermen, plasbermen, greppels en natte bosjes. Zon. TUIN (inh); FAUNA: Hb3, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP: G8. W.bij Hom Hb3 Vlin
Lythrum salicaria - Grote kattenstaart: VAST: jun -sep, paarsrood, blw. aarachtige tros. Geof/Helo, 0,8 -2,0. Natte voedselrijke bodems; zoutmijdend en bestand tegen zeer wisselende waterstanden; in ruigten, natte bossen, moerassen, verplantingsvegetaties, verruigde rietkragen, langs allerlei water en vijverkanten, als pionierplant op braakliggende en droogvallende plaatsen als greppels, poelen en afgravingen; ogenschijnlijk op droge plaatsen bijv; spoorwegterreinen, maar dan vaak op een natte tot vochtige ondergrond. Zon. TUIN (inh); BEHEERTYP: G1, R8, V3, B&S 6. W.bij Hom Hb5 Vlin
Lysimachia vulgaris - Grote wederik : VAST: jun-aug, geel, blw. Pluim. Hemi/Helo, wortelstok, 0,7-1,4. Natte tot zeer vochtige, matig voedselrijke, humushoudende kleiige, zandige, lemige en venige bodems, vooral op bodems met een strooisellaag; niet op zeeklei; in natte graslanden tussen struwelen, op sloot- en greppelkantjes, kanaalbermen, langs spoorwegen, stadsvijvers en op natte overhoeken. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh); FAUNA: W.bij; BEHEERTYP: R8, G1, G8, B&S 1, 6. W.bij      
Mentha aquatica - Watermunt: VAST: jul-sep, lila, blw. okselstandig en eindelings hoofdje, ondergrondse uitlopers. Hemi/Helo, 0,3-0,7.Natte, matig voedselrijke brakke en vaak doorweekte, humusrijke bodems; langs allerlei waterkanten, in ruigten, natte bossen en verlandingsvegetaties; langs stadsvijvers, langs sloten en in greppels. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh); E&P: blad; ZINTUIGPL: G.blad; BEHEERTYP:G1,G8, R8, V1,V3, B&S 5, 6. W.bij Hom Hb3 Vlin
Molinia caerulea - Pijpenstrootje: VAST: jul-sep. Hemi, 0,5-1,2 1,5. Natte tot vochtige, voedselarme en zure zandige en venige bodems; in vennen, heidevelden, allerlei bermen en greppels, op taluds van insnijdingen door het heuvellandschap voor wegen en spoorwegen; in naald- en loofbossen; vaak op ontwaterde gronden (vergrassing van de heide). Zon-licht beschaduwd. (inh); FAUNA: Vlin (rupsen); BEHEERTYP: G1, G2, R1,R2, B&S 1, 2.        
Oxycoccus macrocarpos - Grote veenbes: DWERGHEESTER: h2j, jun-jul, roze, blw. okselstandig; bes rood; stengels liggend. Cham, tot 1,0b. Natte, voedselarme, zure, zandige en venige bodems; in min of meer grazige vegetaties. Zon. (inh); E&P: vrucht; BEHEERTYP: G1. ? ? Hb5  
Oxycoccus palustris - Kleine veenbes: DWERGHEESTER: h2j, mei-jun, roze, blw. tros; bes rood; stengels liggend. Cham, tot 0,5b. Natte, voedselarme, zure zandige en venige bodems en milieus; in veenmosvegetaties en in heide vennen. Zon. (inh); E&P: vrucht; BEHEERTYP: G1.   ? Hb3  
Peucedanum palustre - Melkeppe: TWEEJARIG: jul-aug, wit, 2-tot 3-jarig. Hemi, 0,8-1,5. Natte, iets voedselarme tot matig voedselrijke, onbemeste min of meer zure zand-, leem- en veenbodems; in grazige vegetaties, ruigten, verlandingsvegetaties, broekbossen, sloten, greppels, spoorweggreppels, natuurtechnisch aangelegde bermen en langs stadsvijvers. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh); BEHEERTYP: G1, G8, R8, V3, B&S 1, 6.       Vlin
Potentilla erecta - Tormentil : VAST: jun-aug, geel, blw. bijscherm. Hemi, 0,1-0,4. Natte tot enigszins droge, voedselarme, zure tot zwak zure zand-, leem- en veenbodems; in vochtige en niet te droge heiden en duinvalleien, op greppel- en slootkanten, langs spoor- en autowegen, en in heidebermen. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh); BEHEERTYP: G1. W.bij ? Hb1  
Ranunculus flammula - Egelboterbloem: VAST: jun-okt, geel, pluimvormig vertakt. Helo/Hemi, 0,1-0,5. Natte, voedselarme tot matig voedselrijke natte zand-, leem- en veenbodems; vaak op open en drooggevallen plaatsen, in zandafgravingen, op natuurlijk aangelegde oevers en in drassige graslanden. Zon. TUIN (inh); Giftig (vee); BEHEERTYP: G1, G8.        
Rhinanthus angustifolius - Grote ratelaar: EENJARIG: mei-okt, geel, schutbladen bleker dan de stengelbladen, blw. tros, halfparasiet op grassen. Ther, 0,1-0,6. Natte tot vochtige, voedselarme tot matig voedselrijke bodems; behalve op zeeklei; in grazige vegetaties; in de duinen, onbemeste hooilanden, bermen, op dijken, spoordijken en -bermen; soms ingezaaid in stadsparken en stadsbermen. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh); BEHEERTYP: G1, G2, G7, G8.   Hom    
Salix repens - Kruipwilg: HEESTER: bloeit op tweejarig hout, apr-mei, geel; bladen klein min of meer grijswit/zilverachtig behaard. Phan, tot 1,0xb. Natte tot vrij droge zandgrond; in duinen, moerassen; in spoorgreppels en wegbermen. Zon. TUIN, (inh) heg; BEHEERTYP: G1, B&S 1, 2, 3, 4. W.bij Hom Hb5 Vlin
Succisa pratensis - Blauwe knoop: VAST: jul-sep, blauw. Hemi, 0,3-0,8. Natte tot vochtige, voedselarme tot iets voedselrijke, zandige, lemige en venige bodems; meestal op zwak zure bodems; in grazige vegetaties; vroeger in hooilanden; thans in weg- en spoorbermen, en bermen van boerenwegen en kanaaloevers. Zon. TUIN (inh); FAUNA: Hb2, Hom, Vlin; BEHEERTYP: G1. W.bij Hom Hb2 Vlin
Thelypteris palustris - Moerasvaren: VAST: jul-sep. Helo, kruipende wortelstok, 0,3-0,9. Natte, drassige en moerasachtige, voedselarme tot matig voedselrijke bodems; in en langs broekbossen, rietvelden, kleine verlandende wateren, poelen en spoorsloten. Zon-halfschaduw. TUIN (inh); BEHEERTYP: G1, R8, R1.        
Trichophorum cespitosum s germ. - Gewone veenbies: VAST: mei-jun. Hemi, 0,1-0,3. Natte tot vochtige, voedselarme, zure, venige en zandige bodems; in heidevegetaties; onder meer in spoor- en wegbermen en natte greppels. Zon. (inh); BEHEERTYP: G1.        
Vaccinium corymbosum - Trosbes: HEESTER: h2j, mei-jul, wit tot roze, blw. eindelingse tros; bes blauwzwart en blauw berijpt. Phan,1,5x. Natte tot vochtige, bodems; in bos en hei. Zon-licht beschaduwd. Tuin (uith); E&P: vrucht; BEHEERTYP: G1. ? Hom Hb5  
Vaccinium uliginosum - Rijsbes: HEESTER/dwergheester: h2j, mei-jun, wit tot rood, blw. okselstandig; bes zwartblauw; Cham/Phan: tot 1,0x. Nat hoogveen; licht beschaduwd. (inh); E&P: vrucht; FAUNA: Hb1, Hom, W.bij; BEHEERTYP: G1. W.bij Hom Hb1  
Vaccinium vitis-idaea - Rode bosbes: DWERGHEESTER, groenblijvend: h2j, mei-jun, roze, blw. eindelingse tros; bes rood: Cham: tot 0,35xb. Natte tot droge, zure bodems; voornamelijk in bos en hei; licht beschaduwd-zon. (inh); E&P: vrucht; BEHEERTYP: G1, G2, B&S 2, 3. W.bij Hom Hb3  
Valeriana dioica - Kleine valeriaan: VAST:apr-mei, wit of roze, de wortelbladen zijn ongedeeld. Geof, 0,2-0,3. Natte, matig voedselrijke tot vrij schrale, humushoudende bodems; in natte graslanden en broekbossen. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh); ZINTUIGPL: G.bloem/blad; BEHEERTYP: G1, G8. ?   Hb1  
Naar top pagina