![]() |
| Wilde marjolein houdt het midden tussen een ruigteplant en een graslandplant. Hij groeit in schrale kalkgraslanden, maar kan zich ook jaren handhaven in ruigte en daarin zelfs aspectbepalend zijn. Deze situatie kwam vóór 1990 vooral op spoorwegtaluds in Zuid-Limburg en in het rivierengebied voor. Bij begrazing wordt de plant vaak gemeden, zelfs door geiten. (Linden, Rijndijk 1996) |