| Achillea ptarmica - Wilde bertram: VAST: jul-sep, wit. Hemi, ondergrondse uitlopers, 0,5-0,9. Natte tot vochtige, matig voedselrijke tot vrij schrale, zandige tot kleiige bodems en op veen; in grazige en vrij ruige vegetaties; in natte graslanden, langs rivier- en kanaaloevers, sloten en greppels, in wegbermen, langs spoorwegen, op spoorwegemplacementen en tussen basaltglooiingen. Zon. TUIN (inh); BEHEERTYP: G8. |
|
|
|
|
| Agrostis stolonifera - Fioringras: VAST: jun-sep; bovengrondse uitlopers. Hemi, 0,15-0,6. Natte tot vochtige, voedselrijke bodems; in graslanden en bermen ook veel langs waterkanten. Zon. (inh); BEHEERTYP: G7, G8, V6. |
|
|
|
|
| Alopecurus geniculatus - Geknikte vossenstaart: VAST: mei-okt; plant grijsgroenachtig. Hemi, 0,15-045. Natte tot zeer vochtige, voedselrijk bodems; vaak op dichtgeslibde en overstroomde of slecht afwaterende terreinen; boezemlanden, slecht ontwaterde hooilanden, braakliggende terreinen, waterkanten, in greppels en in allerlei drooggevallen of uitdrogende plassen; een indicator voor bodemverdichting. Zon. (inh); BEHEERTYP: G8, P8, B0. |
|
|
|
|
| Angelica sylvestris - Gewone engelwortel: TWEEJARIG: jul -sep, wit tot iets roze. Hemi, twee - tot driejarig; 1,0 -1,8. Natte tot vochtige, voedselrijke, zandige tot kleiige, humusrijke bodems, maar niet op zeeklei; in ruigten, langs sloten, vaarten, kanalen en allerlei andere watergangen, vijverkanten en in natte grasvelden, weg - en spoorbermen; verder langs en in lichte loofbossen. Zon - licht beschaduwd. TUIN (inh); BEHEERTYP: R8, R7, B&S 6. |
W.bij |
Hom |
Hb3 |
Vlin |
| Anthoxanthum odoratum - Gewoon reukgras: VAST: apr-jun. Hemi, 0,2-0,6.Natte tot droge, voedselarme tot matig voedselrijke, humushoudende, zandige en venige bodems; in bermen, grasland, op dijktaluds; beschaduwd-zon. (inh); ZINTUIGPL: S.stengel; BEHEERTYP: G1, G2, G7, G8. |
|
|
|
|
| Apium nodiflorum - Groot moerasscherm: WATER/OEVERPLANT: jun-sep, groenachtig-wit, vast. Helo, 0,3-1,0. Natte, voedselrijke milieus; vrijwel alle bodemtypen; in sloten, beken en poelen. Zon. (inh); BEHEERTYP: G8, V3, B&S 6. |
|
|
|
|
| Barbarea stricta - Stijf barbarakruid: TWEEJARIG: apr-jun, geel; vruchten tegen de bloeistengel aangedrukt. Hemi, 0,4-0,9. Vochtige tot natte, voedselrijke iets open bodems, in hoofdzaak op zandige tot kleiige bodems; veel aan oevers en waterkanten van riviertjes, kanalen, sloten en vijvers, in natte greppels en in vochtige tot natte bermen, in natte bosjes en grienden; op plaatsen met een natte tot vochtige ondergrond; ook op spoorwegterreinen. Zon. (inh); FAUNA: Vlin; BEHEERTYP: G8, B&S 6. |
|
|
|
Vlin |
| Berula erecta - Kleine watereppe: WATER/OEVERPLANT: jul-sep, wit. Helo, uitlopers, 0,3-0,6. Natte milieus; voedselrijke bodems of ondiep water; in en aan sloten, greppels, plassen en poelen; klei, leem, zand, veen, ook zwak brak. Zon-licht beschaduwd. (inh); BEHEERTYP: G8, V4. |
|
|
|
|
| Calamagrostis canescens - Hennegras: VAST: jun-jul: Hemi: 0,6-1,5. Meestal op natte, voedselarme tot matig voedselrijke, venige en zandige bodems; in drassige graslanden, veenmoerassen, broekbossen, langs waterkanten, in greppels en veel in spoorsloten en -greppels; waar dit gras voorkomt zijn interessante ruigtenkruiden te verwachten; licht beschaduwd-zon (mits een natte bodems). (inh); FAUNA: Vlin (rupsen); BEHEERTYP: G1, G8R1, B&S 1, 6. |
|
|
|
|
| Caltha palustris ssp. palustris - Gewone dotterbloem: VAST: apr-mei, geel, blw. alleenstaand. Helo/Hemi, 0,2-0,6, b1/1. Natte tot drassige, voedselrijke tot zeer voedselrijke, weinig of onbemeste bodems; niet op zeeklei; in drassige graslanden, boezemlandjes en plasbermen, langs slootkanten, spoorsloten en in lichte natte bosjes; indicator voor kwelwater. Zon tot licht beschaduwd. TUIN (inh); Giftig (mens en vee); FAUNA: Hb3, Hom; BEHEERTYP: (WB) G8, B&S 6. |
|
Hom |
Hb3 |
|
| Campanula patula - Weideklokje: VAST: mei-jul, blauw, armbloemige pluim. Hemi, 0,3-0,5. Vochtige, matig voedselrijke bodems; voornamelijk in grazig vegetatie en hooilanden. Zon. (inh); FAUNA: Hb3, Hom, W.bij; BEHEERTYP: (WB) G7, G8. |
W.bij |
Hom |
Hb3 |
|
| Cardamine amara - Bittere veldkers: VAST: mei-jun, wit, helmknoppen paarsrood. Helo/Hemi, 0,2-0,4. Natte, voedselrijke bodems; in hooiland en in lichte bossen en bosranden onder meer langs beken, in grienden en in bronbossen; beschaduwd. (inh); FAUNA: Hom, Vlin; BEHEERTYP: G8, B&S 6. |
|
Hom |
|
Vlin |
| Cardamine pratensis - Pinksterbloem: VAST: apr-jun: roze. Hemi, rozet, 0,2-0,5. Natte tot vochtige, voedselrijke bodems; op vrijwel alle bode; in onbemeste tot licht bemeste grasvelden, bermen, langs sloot- en vijverkanten, in greppels, in natte tot vochtige goed lichtdoorlatende bosjes en in stadsplantsoenen. Zon-beschaduwd. TUIN (inh); FAUNA: Hb3, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP: G7, G8. |
W.bij |
Hom |
Hb3 |
Vlin |
| Carex disticha - Tweerijige zegge: VAST: mei-jun. Hemi, 0,2-1,0. Natte tot vochtige, matig voedselrijke tot zwak brakke bodems; in grasland, langs waterkanten en langs stadsvijvers. zon. (inh); BEHEERTYP: G8. |
|
|
|
|
| Carex hirta - Ruige zegge: VAST: mei-jun. Hemi, 0,3-0,5. Natte tot droge, voedselrijke vaak min of meer gestoorde bodems; in grazige vegetaties en braakliggende terreinen; vaak met een sterk wisselend vochtgehalte; onder meer in bermen, langs spoorwegen en langs waterkanten. Zon. (inh); BEHEERTYP: G6, G8, G7,G9. |
|
|
|
|
| Carex rostrata - Snavelzegge: WATER/OEVERPLANT: mei-jun. Helo, 0,3-0,8. Natte, voedselarme tot matig voedselrijke milieus op leem, zand, veen; in natte graslanden en in allerlei ondiepe wateren zoals vijverkanten, sloten, in zomernatte greppels en poelen. Zon. (inh); BEHEERTYP: G1, G8, V2, V3. |
|
|
|
|
| Catabrosa aquatica - Watergras: VAST: Meibok, takken van de pluim in halve kransen, slappe plant zeer holle stengels, vaak drijvend op het water. Hemi: Helo: 0,3-0,6. In zeer natte bodems op de overgang land/stikstofrijk water; vaak in sloten. Zon. (inh); BEHEERTYP: G8, V6. |
|
|
|
|
| Cirsium palustre - Kale jonker: TWEEJARIG: jun-sep, paars, blw. eindelingse kluwens. Hemi, 0,8-1,5. Natte, matig voedselrijke, zandige, lemige, lichte kleiige, venige of humushoudende bodems; steeds onder invloed van het grondwater; in grazige tot enigszins ruige vegetaties en in broekbossen, in hooilanden, duinvalleien, greppels en spoorgreppels, langs slootkanten, in natte bermen en langs vijverkanten; kan lang onder water staan. Zon. TUIN (inh); FAUNA: Hb3, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP: G8, B&S 1, 6. |
W.bij |
Hom |
Hb3 |
Vlin |
| Colchicum autumnale - Wilde herfsttijloos: KNOL: sep-okt, lila, bloem lijkt op krokus, blw. alleenstaand. Geof, 0,1-0,25. Natte tot vochtige, voedselrijke en veelal kalk- en humushoudende bodems; in grasland van uiterwaarden, natte en vochtige hooilanden, loofbos; natte spoorweg taluds; licht beschaduwd-zon. TUIN (inh); Giftig; FAUNA: Hb3, Hom; BEHEERTYP: (WB) G5, G8. |
|
Hom |
Hb3 |
|
| Crepis paludosa - Moerasstreepzaad: VAST: rond juni, geel, blw. tuil. Hemi, 0,5-1,2. Natte, matig voedselrijke bodems; in graslandvegetaties, loofbossen (bronbossen, grienden en langs wateren in hoofdzaak in beekdalen. Zon-beschaduwd. (inh); FAUNA: Hb1, Hom; BEHEERTYP: G8, B&S 1. |
|
Hom |
Hb1 |
|
| Dactylorhiza majalis praetermissa - Rietorchis: VAST: jun-jul, paarsrood; middelste bladen 4-5 maal zo lang als breed en al dan niet gevlekt. Geof, wortelstok, 0,3-0,8. Natte tot vochtige, iets voedselarme tot matig voedselrijke, zandige tot kleiige bodems en op veengronden; in gras- en rietlanden, weg-, spoor- en kanaalbermen, kleiputten, in spoorweggreppels op spoorwegemplacementen en op opgespoten terreinen. Zon. TUIN (inh); FAUNA: Hb1; BEHEERTYP: (WB) G1k, G8. |
|
|
Hb1 |
|
| Dactylorhiza majalis s. majalis - Brede orchis: VAST: mei-jun, donkerpurper; middelste bladen 3-4 maal zo lang als breed en al dan niet gevlekt. Geof, wortelstok, 0,2-0,5. Natte tot vochtige, iets voedselarme tot matig voedselrijke, zandige tot kleiige bodems en op veengrond; in graslanden, duinvalleien, en natte grazige plaatsen in stads- en recreatieparken; staat iets schraler dan rietorchis. Zon. TUIN (inh); FAUNA: Hb1; BEHEERTYP: (WB) G1k, G8. |
|
|
Hb1 |
|
| Deschampsia cespitosa - Ruwe smele: VAST: jun-jul, vast. Hemi, 0,5-1,5. Op natte tot vochtige matig voedselrijke bodems; in ruige en verruigde graslanden, langs allerlei oevers, in natte en vochtige bossen, in greppels en op dijken; licht beschaduwd-zon. (inh); FAUNA: Vlin (rupsen); BEHEERTYP: G7, G8, B&S 5, 6. |
|
|
|
|
| Dryopteris carthusiana (Dryopteridaceae) - Smalle stekelvaren: VAST: jul-sep; Hemi, rozetplant,0,3-0,8, b4/5. Vochtige tot natte; voedselarme tot iets voedselrijke bodems; in naald- en loofbossen, op greppelkanten en in laagveenmoerassen; beschaduwd of zon bij natte bodems. TUIN (inh); BEHEERTYP: G1, G8, B&S 1, 2, 6. |
|
|
|
|
| Eleocharis palustris ssp. pal. - Gewone waterbies: WATER/OEVERPLANT, vast: mei-aug. Helo, wortelstok, 0,2-0,6. In voedselrijk water en op natte voedselrijke bodems; in allerlei ondiepe wateren, moerassen, greppels, sloten, langs stadsvijvers en -singels; vaak op plekken die in de zomer tijdelijk droogvallen. Zon. (inh); BEHEERTYP: G8, G0, V2, V4. |
|
|
|
|
| Epilobium palustre - Moerasbasterdwederik: VAST: jul-aug, licht roze. Hemi, 0,2-0,8. Op natte, matig voedselrijke veelal venige en zandige bodems; in moerassen, rietlanden, langs waterkanten. Zon-licht beschaduwd. (inh); FAUNA: Vlin; BEHEERTYP: G8. |
|
|
|
|
| Epilobium tetragonum - Kantige basterdwederik: VAST: jul-aug, roze. Hemi/ Cham/rozet, 0,4-1,5. Natte tot vochtige of brakke (zeer) voedselrijke bodems; in ruige en grazige vegetaties; langs waterkanten, langs grienden en natte bossen, natte plaatsen op spoorweg- en industrieterreinen; beschaduwd-zon. (inh); BEHEERTYP: G8. |
|
|
|
|
| Equisetum fluviatile - Holpijp: VAST: mei-jul. Helo/Geof: wortelstok, 0,3-1,1. Matig voedselrijk water met een dikke (veen) modderlaag op de bodems; verder op natte tot drassige bodems; vaak op kwelplekken; niet op zeeklei; in ondiepe, verlandende sloten, kleine wateren en nat grasland. Zon. (inh); BEHEERTYP: G8, V3. |
|
|
|
|
| Equisetum palustre - Lidrus: VAST: mei-jul. Geof, wortelstok, 0,2-0,6. Vochtige tot natte, voedselrijke bodems; meestal grazige vegetaties; in natte hooilanden, langs sloot- en greppelkanten, in bermen en als pionier op kale bodems. Zon- beschaduwd. (inh); Giftig (vee); BEHEERTYP: G8. |
|
|
|
|
| Festuca pratensis - Beemdlangbloem: VAST: jun-sep. Hemi, 0,4-1,0. Op vochtige tot natte voedselrijke bodems; onder meer in graslanden, in bermen en op dijken. Zon. (inh); BEHEERTYP: G7, G8. |
|
|
|
|
| Filipendula ulmaria - Moerasspirea: VAST: jun-sep, wit, blw. tuil. Hemi, 0,7-1,5. Natte tot goed vochtige, matig voedselrijke en humushoudende bodems; niet op zeeklei; in natte bosjes, ruigten graslanden, greppels, spoorweggreppels, langs sloten, kanalen en vijvers, in natte bermen, boezemlandjes, plasbermen en op natte dijken. Zon. TUIN (inh); FAUNA: Hb3, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP: G8, R8, B&S 6. |
W.bij |
Hom |
Hb3 |
Vlin |
| Fritillaria meleagris - Wilde kievitsbloem: BOL: apr-mei, wit-paars, blw. alleenstaand. Geof, 0,15-0,5. Natte tot vochtige, matig voedselrijke kleiige en venige bodems; al dan niet onder invloed van kwelwater; in graslanden en bermen; kan ook goed in natte in tuinen verwilderen. Zon. TUIN (inh); FAUNA: Hb1, Hom; BEHEERTYP: (WB) G8. |
|
Hom |
Hb1 |
|
| Galium palustre - Moeraswalstro: VAST: mei-sep, wit. Helo, 0,2-0,6. Natte, voedselarme tot zeer voedselrijke zandige tot kleiige en venige bodems; ook in zwak brakke milieus; langs sloten, vijvers en plassen, in natte graslanden, greppels, veenmoerassen. Zon. TUIN (inh); BEHEERTYP: G1, G8, R8. |
|
|
|
|
| Galium uliginosum - Ruw walstro: VAST: jun-sep, wit; bladtop stekelpuntig. Helo, 0,2-0,6. Natte, voedselarme tot matig voedselrijke, humeuze, zandige tot venige bodems; in natte graslanden, duin valleien, greppels, spoorsloten en bermen van kanalen en watergangen. Zon. (inh); BEHEERTYP: G1, G8. |
|
|
|
|
| Geum rivale - Knikkend nagelkruid: VAST: mei-jun, geel en rood aangelopen, blw. alleenstaand. Hemi, rozet, 0,2-0,4. Natte tot vochtige, matig voedselrijke bodems; een goed beeld van deze plant ontbreekt; in open loofbos; in het buiten land vaak in bermen, in grasland en langs bosranden. Zon-beschaduwd. TUIN (inh) Hom; BEHEERTYP: G7, G8. |
|
Hom |
|
|
| Glyceria fluitans - Mannagras: VAST: mei-aug, vast. Helo/Hemi, 0,5-1,2. Op natte en drassige, veelal zeer voedselrijke bodems; in graslanden, langs allerlei oevers, in greppels en op allerlei droogvallende plaatsen. Zon-licht beschaduwd. (inh); BEHEERTYP: G8, R8, V6. |
|
|
|
|
| Holcus lanatus - Gestreepte witbol: VAST: mei-sep. Hemi, 0,4-0,8. Natte tot vochtige, voedselrijke tot iets schrale, zandige en venige bodems; in hooilanden en op bermen en dijken; in en langs bossen, houtwallen, hakhout en braakliggende terreinen. Zon-licht beschaduwd. (inh); FAUNA: Vlin (rupsen); BEHEERTYP: G7, G8, G9, B&S 5, 6. |
|
|
|
|
| Hydrocotyle vulgaris - Gewone waternavel: VAST: jul-okt, blw. compact en zeer klein en trosachtig gegroepeerd, Hemi/Helo, 0,05-0,25. Natte, voedselarme tot matig voedselrijke en veelal zwak zure milieus; in grazige begroeiingen, greppel- en slootkanten, in lichte bossen, duin valleien. Zon-licht-beschaduwd. TUIN (inh); BEHEERTYP: G1, G8, B&S 1. |
|
|
|
|
| Hypericum dubium - Kantig hertshooi: VAST: jul-sep, geel, stengel vierkant, blad met geen of weinig doorzichtige punten. Hemi, 0,4-0,8. in grazige vegetaties; natte tot vochtige, matig voedselrijke, zandige tot zavelachtige bodems; langs greppel- en slootkanten, wegen, spoorwegen, kanalen en in zandafgravingen. Zon. TUIN (inh); FAUNA: Hb1; BEHEERTYP: G7, G8. |
|
|
Hb1 |
|
| Hypericum tetrapterum - Gevleugeld hersthooi : VAST: jul-sep, geel. Hemi, 0,2-0,8. Natte, matig voedselrijke zavel-, leem-, en zandbodems; voornamelijk in grazige begroeiingen; aan allerlei waterkanten en natte taluds van kleine wateren zoals, sloten, greppels, vijvers, kanalen. Zon TUIN (inh); FAUNA: Hb1, Hom; BEHEERTYP: G8. |
|
Hom |
Hb1 |
|
| Juncus acutiflorus - Veldrus: VAST: jun-sep, bladen met tussenschotten, te voelen door blad tussen de vingers door te trekken. Hem/Helo, 0,2-0,6. Natte, voedselrijke bodems; in grazige vegetaties en op open gronden: langs waterkanten, sloten, stadsvijvers en vijvertaluds, in zand- en kleiafgravingen en drassige graslanden. Zon. (inh); BEHEERTYP: G1, G8. |
|
|
|
|
| Juncus articulatus - Zomprus: VAST: jun-sep; bladen met tussenschotten, te voelen door blad tussen de vingers door te trekken. Hemi/Helo, 0,2-0,6. Natte, voedselrijke bodems; in grazige vegetaties en op open gronden: langs waterkanten, sloten, stadsvijvers, in zand- en kleiafgravingen en drassige graslanden. Zon. (inh); BEHEERTYP: P8, G8. |
|
|
|
|
| Juncus conglomeratus - Biezenknoppen: VAST: mei-jun, blw. compact; merg in stengel niet onderbroken. Hemi, 0,3-1,0. Natte tot vochtige, voedselarme tot matig voedselrijke, veelal zure, zandige, lemige en venige bodems; voornamelijk in grazige vegetaties: in duinvalleien, hooilanden, weg- en spoorbermen, natte greppels en zandafgravingen. Zon. (inh); BEHEERTYP: G1, G8, R2. |
|
|
|
|
| Juncus effusus - Pitrus : VAST: jun-aug, blw. los. Hemi, 0,3-1,5. Natte, vochtige of zwak brakke, (matig) voedselrijke bodems; vaak op verdichte bodems en op plaatsen met een schommelende waterstand of die onder invloed staand van bemesting van het boerenland of worden bemest door meeuwen en eenden; in graslanden, ruigten op droogvallende bodems; in hooi- en weilanden, langs waterkanten o; m; van stadsvijvers; in afgravingen, langs natte bospaden, in stadsplantsoen; verder op verhardingen en halfverhardingen. Zon. (inh); BEHEERTYP: G8, R8. |
|
|
|
|
| Juncus inflexus - Zeegroene rus: VAST: jun-aug, blw. los; merg in stengel is regelmatig onderbroken. Hemi, 0,3-1,0. Natte, voedselrijke, niet zure, veelal kalkhoudende bodems; voornamelijk op klei; in grasland, langs sloten, stadsvijvers en singels, en in kleiafgravingen. Zon. (inh); BEHEERTYP: G8, R8. |
|
|
|
|
| Juncus subnodulosus - Padderus: VAST: jun-sep. Geof/Hemi, 0,5-1,2. Natte, moerassige, voedselarme tot matig voedselrijke zandige en venige bodems; langs sloten- en plassen. Zon. (inh); BEHEERTYP: G1, G8, V3. |
|
|
|
|
| Lotus pedunculatus - Moerasrolklaver: VAST: jun-aug, geel, blw. hoofdjesachtig. Hemi, ondergrondse uitlopers. Natte tot vochtige, matig voedselrijke zand-, veen- en leemachtige bodems of bodems met een natte ondergrond; in grazige vegetaties en in ruigten; langs bermsloten en -greppels, waterkanten, kanaaloevers, spoorsloten, stadsvijvers, in zandafgravingen en leemkuilen. Zon. TUIN (inh); FAUNA: Hb3, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP: G8. |
W.bij |
Hom |
Hb3 |
Vlin |
| Lychnis flos-cuculi - Echte koekoeksbloem: TWEEJARIG: mei-jun sep, roze. Hemi, 0,3-0,7. Vochtige tot drassige, matig voedselrijke zandige en venige bodems; langs oevers, sloot- en vijverkanten, in natte grasvelden, buitenbermen, plasbermen, greppels en natte bosjes. Zon. TUIN (inh); FAUNA: Hb3, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP: G8. |
W.bij |
Hom |
Hb3 |
Vlin |
| Lycopus europaeus - Wolfspoot: VAST: jun-aug, wit, blw. okselstandig, lange uitlopers. Helo\Hemi, 0,3-1,5.Natte, voedselrijke bodems; in grazige vegetaties en ruigte, langs allerlei oevers en waterkanten o; m; sloten, stadsvijvers, kanalen, op natte steenglooiingen van kanalen, rivieren en grachten, langs plassen en poelen, op drooggevallen plaatsen als greppels, plassen en oude rivierarmen; verder in natte bossen en verlandingsvegetaties. Zon. TUIN (inh); FAUNA: Hb3, Hom, W.bij; BEHEERTYP: G8, R8, V3, B&S 6. |
W.bij |
Hom |
Hb3 |
|
| Lysimachia nummularia - Penningkruid: VAST: jun-aug, geel, blw. okselstandig alleenstaand, kruipende plant. Cham/Helo, bovengrondse uitlopers, 0,2-0,6. Natte tot vochtige, voedselrijke, humushoudende, zandige tot kleiige bodems en kleihoudend laagveen; in grazige vegetaties op sloot- en greppelkantjes, langs beekjes en kanten van kanalen, op dijken en spoordijken vaak op noordelijke taluds, in natte bossen, plantsoenen en stadsparken; de soort komt ook in ruigtkruidenvegetaties voor; licht beschaduwd-zon. TUIN (inh), Tegel; FAUNA: W.bij; BEHEERTYP: G7, G8, B&S 5, 6. |
W.bij |
|
|
|
| Lysimachia thyrsiflora - Moeraswederik: WATER/OEVERPLANT, vast: mei-jul, geel, blw. okselstandige compacte trosjes. Helo, vast; 0,3-0,6. Natte matig voedselrijke sterk venige bodems of drijvend in het water; langs kleine wateren, in natte ruigte en op drijftillen. Zon. TUIN (inh); BEHEERTYP: G8, R8. |
|
|
|
|
| Lysimachia vulgaris - Grote wederik: VAST: jun-aug, geel, blw. Pluim. Hemi/Helo, wortelstok, 0,7-1,4. Natte tot zeer vochtige, matig voedselrijke, humushoudende kleiige, zandige, lemige en venige bodems, vooral op bodems met een strooisellaag; niet op zeeklei; in natte graslanden tussen struwelen, op sloot- en greppelkantjes, kanaalbermen, langs spoorwegen, stadsvijvers en op natte overhoeken. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh); FAUNA: W.bij; BEHEERTYP: R8, G1, G8, B&S 1, 6. |
W.bij |
|
|
|
| Lythrum salicaria - Grote kattenstaart: VAST: jun -sep, paarsrood, blw. aarachtige tros. Geof/Helo, 0,8 -2,0. Natte voedselrijke bodems; zoutmijdend en bestand tegen zeer wisselende waterstanden; in ruigten, natte bossen, moerassen, verplantingsvegetaties, verruigde rietkragen, langs allerlei water en vijverkanten, als pionierplant op braakliggende en droogvallende plaatsen als greppels, poelen en afgravingen; ogenschijnlijk op droge plaatsen bijv; spoorwegterreinen, maar dan vaak op een natte tot vochtige ondergrond. Zon. TUIN (inh); BEHEERTYP: G1, R8, V3, B&S 6. |
W.bij |
Hom |
Hb5 |
Vlin |
| Mentha aquatica - Watermunt: VAST: jul-sep, lila, blw. okselstandig en eindelings hoofdje, ondergrondse uitlopers. Hemi/Helo, 0,3-0,7.Natte, matig voedselrijke brakke en vaak doorweekte, humusrijke bodems; langs allerlei waterkanten, in ruigten, natte bossen en verlandingsvegetaties; langs stadsvijvers, langs sloten en in greppels. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh); E&P: blad; ZINTUIGPL: G.blad; FAUNA: Hb3, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP:G1k,G8, R8, V1,V3, B&S 5, 6. |
W.bij |
Hom |
Hb3 |
Vlin |
| Mentha arvensis - Akkermunt: VAST: jul-sep, lila, blw. okselstandig. Hemi/Helo, ondergrondse uitlopers, 0,2-0,4. Natte tot vochtige, matig voedselrijke bodems; open gronden, graslanden, oevers en waterkanten; o; m; langs vijver- en slootkanten. Zon. (inh); E&P: blad; ZINTUIGPL: G.blad; FAUNA: Hb3, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP: P7, G8, G7. |
W.bij |
Hom |
Hb3 |
Vlin |
| Mentha pulegium - Polei: VAST: aug-sep, lichtpaars, blw. okselstandig. Hemi, 0,15-0,3. Vochtige ('s winters natte), matig voedselrijke bodems; in de uiterwaarden. Zon. TUIN (inh); E&P: blad; ZINTUIGPL: G.bloem/blad; FAUNA: Hb3, Hom; BEHEERTYP: G7, G8. |
|
Hom |
Hb3 |
|
| Mentha verticillata - Kransmunt: VAST: jul-okt, lila. Hemi/Helo, 0,2-0,4.Voedselrijke natte bodems; in grasland en langs min of meer grazige oevers. Zon. TUIN (inh); E&P: blad; ZINTUIGPL: G.blad; FAUNA: Hom; BEHEERTYP: G8. |
|
Hom |
|
|
| Myosotis laxa ssp. Cespitosa - Zompvergeet-mij-nietje: EENJARIG/VAST/ mei-sep, blauw. Ther/Helo, 0,15-0,4. Natte, voedselrijke, zandige tot licht kleiige en venige bodems; vaak op droogvallende plaatsen; in graslanden en natte duinvalleien, langs sloot- en vijverkanten, vennen en plassen van zand- en kleiafgravingen, op overstroomde gedeelte in de uiterwaarden. Zon. TUIN (inh); FAUNA: Hb1; BEHEERTYP: P8, G8. |
|
|
Hb1 |
|
| Myosotis scorpioides - Moerasvergeet-mij-nietje: VAST: mei-aug, blauw. Hemi/Helo, 0,15-0,4. Natte voedselrijke bodems; in natte graslanden en ruigte; langs water-, slootkanten; in poelen en langs vijvers; klei, leem, zand, veen, ook zwak brak. Zon-halfschaduw.. TUIN (inh); FAUNA: Hb1, Vlin; BEHEERTYP: G8, R8. |
|
|
Hb1 |
Vlin |
| Narcissus pseudonarcissus pseud. - Wilde narcis: BOL: mrt-mei, geel, bijkroon heldergeel, bloemslippen lichtgeel. Geof, 0,2-0,3. Natte tot vochtige, matig voedselrijke, humushoudende bodems; op grazige plaatsen in beekdalen en loofbossen; verder aangeplant in tuinen en stinzen. Zon- licht beschaduwd. TUIN (inh); Giftig (vee); FAUNA: Hb1; BEHEERTYP: G7, G8, B&S 5. |
|
|
Hb1 |
|
| Oenanthe fistulosa - Pijptorkruid: VAST: jun-aug, wit, roze. Helo, 0,3-0,7. . Natte, zoete tot zwak brakke voedselrijke bodems; aan allerlei waterkanten van sloten, plassen en stadsvijvers en in drassige hooilanden. Zon. (inh); Giftig; BEHEERTYP: G8. |
|
|
|
|
| Persicaria amphibia (polygonum amphibia) - Veenwortel: VAST: jun-okt, roze; Geof/Helo: wortelstok, landvorm 0,3-0,8, watervorm, tot stengels van ca. 2m. Ondiepe voedselrijke wateren, ook in matig voedselrijk - relatief voedselarm water met een voedselrijke bodems; verder in allerlei overgangen van nat naar droog; de droge vorm vaak niet bloeiend of alleen in zeer natte periodes of op plekken met een natte ondergrond; in vijvers, sloten en plassen, aan oevers van beken, sloten vijverkanten, in wegbermen, op hoge spoordijken en tussen het plaveisel; bloeiende landvormen zijn een indicator voor natte ondergrond. Zon-licht beschaduwd. (inh); FAUNA: Hb1; BEHEERTYP: G7, G8, R8, W5. |
|
|
Hb1 |
|
| Persicaria bistorta - Adderwortel: VAST: jun-jul, roze: Geof: wortelstok, 0,5-0,8. Natte (tot vochtige) matig voedsel- en humusrijke, zandige tot lemige bodems en lichte rivierklei; van nature veelal in grazige vegetaties op bron- en kwelplekken; langs beken, riviertjes, spoorsloten en -greppels; op landgoederen en buitenplaatsen als stinzenplant, verder al dan niet verwilderd in wegbermen; een indicator voor kwel en natte, voedselrijke ondergrond. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh); E&P: blad; FAUNA: Hb3, Hom, Vlin; BEHEERTYP: G8, B&S 6. |
|
Hom |
Hb3 |
Vlin |
| Peucedanum palustre - Melkeppe: TWEEJARIG: jul-aug, wit, 2-tot 3-jarig. Hemi, 0,8-1,5. Natte, iets voedselarme tot matig voedselrijke, onbemeste min of meer zure zand-, leem- en veenbodems; in grazige vegetaties, ruigten, verlandingsvegetaties, broekbossen, sloten, greppels, spoorweggreppels, natuurtechnisch aangelegde bermen en langs stadsvijvers. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh); FAUNA: Vlin; BEHEERTYP: G1, G8, R8, V3, B&S 1, 6. |
|
|
|
|
| Phalaris arundenacea - Rietgras: VAST: jun-jul; Hemi: 0,8-2,0. Vochtige, voedselrijke Vochtige bodems; aan allerlei oevers en waterkanten, basaltglooiingen, verruigde graslanden, in ruigtkruidenvegetaties, in natte bossen, in ruige weg- en spoorbermen. Zon. (inh); FAUNA: Hb5, Hom, W.bij, Vlin (rupsen); BEHEERTYP: G8, R8, V5, B&S 6. |
|
|
|
|
| Poa palustris - Moerasbeemdgras: VAST: jun-aug. Hemi, 0,3-1,5. Natte matig voedselrijke minerale bodems, maar geen zeeklei; op grazige plaatsen. Zon. (inh); BEHEERTYP: G8,R8. |
|
|
|
|
| Poa trivialis - Ruw beemdgras: VAST: mei-jul. Hemi, 0,4-1,0. Natte tot vochtige, veelal zeer voedselrijke bodems; onder meer veel langs waterkanten, oevers en in natte, lichte loofbossen. Zon-licht beschaduwd. (inh); BEHEERTYP: G7, G8, B&S 5, 6. |
|
|
|
|
| Potentilla anserina - Zilverschoon: VAST: mei-aug, geel, blw. alleenstaand; lange bovengrondse uitlopers. Hemi, 0,1-0,5. Natte tot vochtige of brakke, voedselrijke, veelal betreden en verdichte bodems; vaak in sterk uitdrogende, wisselvochtige bodems; in allerlei grazige begroeiingen; in duinvalleien, schorren, bermen en langs vijverkanten en op betreden plaatsen. Zon. (inh); FAUNA: Vlin; BEHEERTYP: G0, G7tr, G8, G9. |
|
|
|
Vlin |
| Potentilla palustris - Wateraardbei: WATER/OEVERPLANT: jun-jul, blw. los armbloemig bijscherm, roodbruin, wortelstok, Helo, 0,3-1,2. Matig voedselarm tot matig voedselrijk water en moerassen op zandige en venige bodems; vaak op kwelplaatsen; in vennen, veenplassen, duinmeertje, spoorsloten en -greppels. Zon . TUIN (inh);
BEHEERTYP: V2, V3. Ook in nat grasland |
|
|
Hb3 |
|
| Primula elatior - Slanke sleutelbloem: VAST: mrt-begin mei, geel, blw. scherm. Hemi, 0,2-0,3. Iets natte tot vochtige, veelal kalkhoudende, meestal lemige, matig voedselrijke bodems; in loofbossen en grasland; licht beschaduwd. TUIN (inh); FAUNA: Hb1, Hom, W.bij; BEHEERTYP: (WB) G8, B&S 4, 5. |
W.bij |
Hom |
Hb1 |
|
| Pulicaria dysenterica - Heelblaadjes: VAST: jul-sep, geel, blw. tuil. Hemi, wortelstok, 0,6-0,8. Natte tot vochtige tot zwak brakke, matig voedselrijke zand-, leem-, en kleibodems; in duinvalleien, bermen, op dijken, langs spoorwegen, kanaal- en rivieroevers, sloten, greppels, vijverkanten en op natte rivieroevers. Zon. TUIN (inh); FAUNA: Hb3, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP: G8, G0, R8. |
W.bij |
Hom |
Hb3 |
Vlin |
| Ranunculus flammula - Egelboterbloem: VAST: jun-okt, geel, pluimvormig vertakt. Helo/Hemi, 0,1-0,5. Natte, voedselarme tot matig voedselrijke natte zand-, leem- en veenbodems; vaak op open en drooggevallen plaatsen, in zandafgravingen, op natuurlijk aangelegde oevers en in drassige graslanden. Zon. TUIN (inh); Giftig (vee); BEHEERTYP: G1, G8. |
|
|
|
|
| Ranunculus repens - Kruipende boterbloem: VAST: mei-jul, geel, blw. pluimvormig vertakt. Hemi/ Cham/Helo, bovengrondse uitlopers, 0,1-0,5. Natte tot vochtige, voedselrijke bodems; op grazige plaatsen, in stadsplantsoenen, boomspiegels, op betreden plaatsen en plaatsen met een sterk wisselende waterstand. Zon en halfschaduw. (inh); Giftig (mens); FAUNA: Hb2, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP: G7, G8, G9, B&S 5, 6. |
W.bij |
Hom |
Hb2 |
Vlin |
| Rhinanthus angustifolius - Grote ratelaar: EENJARIG: mei-okt, geel, schutbladen bleker dan de stengelbladen, blw. tros, halfparasiet op grassen. Ther, 0,1-0,6. Natte tot vochtige, voedselarme tot matig voedselrijke bodems; behalve op zeeklei; in grazige vegetaties; in de duinen, onbemeste hooilanden, bermen, op dijken, spoordijken en -bermen; soms ingezaaid in stadsparken en stadsbermen. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh); FAUNA: Hom; BEHEERTYP: G1, G2, G7, G8. |
|
Hom |
|
|
| Rumex acetosa - Veldzuring: VAST: mei-jun, roodachtig. Hemi, penwortel, 0,5-1,0. Zeer vochtige tot iets droge, voedselrijke bodems; voornamelijk in grazige vegetaties; in hooilanden, grasvelden, bermen op dijken, langs sloot- en vijverkanten. zon TUIN (inh); E&P: blad; FAUNA: Vlin; BEHEERTYP: G7, G8. |
|
|
|
|
| Rumex conglomeratus - Kluwenzuring: VAST: jul-aug, groen. Hemi, penwortel, 0,5-1,0. Natte tot vochtige, veelal zeer voedselrijke bodems; veelal op plaatsen met een wisselende waterstand; in kleiafgravingen, langs waterkanten, in grasvelden die in de winter onder water staan en Natte, slecht; BEHEERde graslanden bijv; paardenweiden. Zon. (inh); BEHEERTYP: G8, B&S 6. |
|
|
|
|
| Scirpus sylvaticus - Bosbies: VAST: mei-aug,0,5-0,8; Geof/Helo, wortelstok. Op natte, matig voedselrijke, lemige en zandige bodems; meestal op kwelplekken; in natte graslanden en bossen; aan slootkanten, in greppels en spoorgreppels; kanten van stadsvijvers en singels, en natte spoor- en wegbermen. Zon-licht beschaduwd. (inh); BEHEERTYP: G8, R8, B&S 6. |
|
|
|
|
| Scutellaria galericulata - Blauw glidkruid: VAST: jun-sep, blauw, blw. okselstandig. Hemi, 0,15-0,6. Natte tot vochtige, matig voedselrijke, niet kalkrijke en niet brakke zandige tot kleiige en venige bodems; op zonnige en beschaduwde plaatsen; in grazige vegetaties, ruigten en natte bossen, langs allerlei oevers, slootkanten, kanalen en stadsvijvers, in spoorbermen en pioniervegetatie op en langs schouwpaden. Zon. TUIN (inh); BEHEERTYP: G8, R8, B&S 6. |
|
|
|
|
| Senecio aquaticus - Waterkruiskruid: TWEEJARIG: jun-aug, geel, blw. tuil. Hemi, rozet, 0,5-1,0. Natte tot tamelijk vochtige, matig voedselrijke, zandige, kleiige en venige bodems; vroeger in weinig bemeste wei- en hooilanden hoofdzakelijk op de laagveengronden; thans voornamelijk in natte bermen, op polderdijken, langs sloot- en waterkanten. Zon. TUIN (inh); Giftig (vee); FAUNA: Hb1, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP: G8. |
W.bij |
Hom |
Hb1 |
Vlin |
| Stellaria aquatica - Watermuur: VAST: jun-sep, wit. Hemi,: 0,2-1,0 (1,2). Natte tot zeer vochtige, meestal zeer voedsel- en stikstofrijke, lemige tot kleiachtige bodems; in de uiterwaarden, langs rivieroevers, sloten, kanalen, stadsvijvers, langs heggen, plantsoenen. Zon-beschaduwd (inh); BEHEERTYP: P8, G8. |
|
|
|
|
| Symphytum officinale - Gewone smeerwortel: VAST: apr-sep, wit tot paars. Hemi, penwortel, 0,3-1,0. Natte tot vochtige, voedselrijke tot zeer voedselrijke bodems; in graslanden, ruigten, bossen, bermen, op dijken, langs oevers en in natte bossen en struwelen. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh); ZINTUIGPL: T.plant, S.bloem; FAUNA: Hb3, Hom, W.bij; BEHEERTYP: G7, G8, R8, B&S 6. |
W.bij |
Hom |
Hb3 |
|
| Trifolium fragiferum - Aardbeiklaver: VAST: jun-sep, rozeachtig, blw. hoofdje. Hemi, 0,05-0,2. Op natte tot vochtige, vaak brakke, matig voedselrijke zandige tot kleiige bodems; in graslanden en bermen, langs randen van wegen en fietspaden; stat: in hoofdzaak in het kust- en deltagebied. Zon. (inh); FAUNA: Hb3, Hom; BEHEERTYP: G7, G8, G0. |
|
Hom |
|
|
| Trifolium repens - Witte klaver: VAST: mei-okt, wit tot iets roze, blw. hoofdje. Hemi, 0,05-0,35.Natte tot vochtige voedselrijke bodems; in grazige vegetaties; grasvelden, gazons, bermen, betreden grazige plaatsen en grasvelden die onderhevig zijn aan een sterk wisselende waterstand. Zon. (inh); FAUNA: Hb5, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP: G7, G8, G9. |
W.bij |
Hom |
Hb5 |
Vlin |
| Valeriana dioica - Kleine valeriaan: VAST:apr-mei, wit of roze, de wortelbladen zijn ongedeeld. Geof, 0,2-0,3. Natte, matig voedselrijke tot vrij schrale, humushoudende bodems; in natte graslanden en broekbossen. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh); ZINTUIGPL: G.bloem/blad; FAUNA: Hb1; BEHEERTYP: G1, G8. |
|
|
Hb1 |
|
| Veronica beccabunga - Beekpunge: WATER/OEVERPLANT: mei-sep, blauw, blw. okselstandige tros. Hemi, Helo: vast; 0,2-0,5. Natte, voedselrijke bodems; niet op zeeklei en op kwelplekken en op ondiepe stromende watertjes; langs beken en op allerlei Natte, open en droogvallende plaatsen; in sloten, greppels, plassen, kleiafgravingen in de uiterwaarden, oude rivierlopen, broekbosjes en in opengetrapt of stukgebeten nat grasland. Zon-licht beschaduwd. (inh); E&P: blad; BEHEERTYP: P8, G8. |
|
|
|
|
|