G9 -- Soorten van graslandvegetaties op vochtige tot droge zeer voedselrijke ----------------Sluit deze pag. met kruisje rechts boven!-
Uitgebreid overzicht soorten
Voorkomen -- Op allerlei plekken vooral op zware kleigronden en bemeste of zwaar vermeste bodems; vooral in agrarisch en stedelijk gebied.
Nectar- en stuifmeelplanten
Gidssoorten: akkerkers, basterdklaver, braam, fluitenkruid, gewone berenklauw, grote hardvrucht, luzerne, muskuskaasjeskruid, speenkruid, speerdistel, wilde cichorei. Veder ondermeer: groot kaasjeskruid, hondsdraf, klein streepzaad, kruipende boterbloem, vertakte leeuwentand, wollige munt, zachte ooievaarsbek en zilverschoon.
Geen bijenplanten --Gidssoorten: Engels raaigras, grote vossenstaart, hoog struisgras, Italiaans raaigras, kropaar, krulzuring, kweek, ridderzuring, ruige zegge, timoteegras, zachte dravik. Veder ondermeer: gestreepte witbol, veldbeemdgras.
Beheer -- Gewoonlijk twee maal per jaar maaien.
Periode -- 1e maaibeurt: juni – juli; 2e maaibeurt: september - half oktober. Gefaseerd maaien is gewenst i.v.m. insecten.
 
Foto's bij beheertype G9  
Gewone berenklauw in stadspark -- Gewone berenklauw groeit hier met groot hoefblad samen. Gewone berenklauw staat hier eveneens in het grensgebied van gras en ruigte, maar, nu aan de ruige kant van het grensgebied, in tegenstelling tot de vorige foto. (Schiedam Poldervaart, Beatrixpark 1996)
 
 
Speenkruid in een berm die jaarlijks wordt gehooid. De bodem die hier uit klei bestaat, is zeer voedselrijk. Door maaien en afvoeren zullen hier in het voorjaar scherpe boterbloem en veldzuring kunnen groeien. (Sneek 1995)
 
 
Speenkruid in een park -- De bodem in dit park bestaat uit tamelijk zware, in de winter vaak natte klei. Het geeft een beeld te zien dat voor 1970 nog geregeld op de Friese klei kon worden aangetroffen. (Sneek, Zwettebos 1994)
 
 
Speerdistel in een grazige vegetatie op een wegbermtalud.
Naar top pagina
 
Overzicht soorten G9
Voor het voorkomen in plantengemeenschappen in "natuurlijk of ongestoorde" milieus en een volledig overzicht van de plantensoorten van minder voedselrijke milieus zie startpagina. www.bijenhelpdesk.nl onder Beheertype G7.
W.bij: wilde solitaire bijen; Hom: hommels: Hb: honingbijen; Vlin: vlinders.
Agrostis gigantea - Hoog struisgras: VAST: jun-aug, bovengrondse uitlopers ontbreken, vast. Hemi, 0,5-1,2. Vochtige, matig voedselrijke bodems. Zon. (inh); BEHEERTYP: G9.        
Alopecurus pratensis - Grote Vossenstaart: VAST: mei-jun, aug-sep. Hemi, 0,4-1,0. Vochtige, voedselrijke bodems; , maar het meest op klei; in allerlei grazige vegetaties; voornamelijk in graslanden, dijken, bermen en waterkanten; veel in uiterwaarden, in lichte loofbossen en in essenhakhout. Zon. (inh); BEHEERTYP: G9.        
Bromus hordeaceus s. hordeacus - Zachte dravik: EENJARIG: mei-jul. Ther, 0,1-1,0. Vochtige tot droge, schrale tot voedselrijke bodems; op open gronden en in allerlei grazige vegetaties tussen struwelen, stadsplantsoenen en op braakliggende terreinen. Zon. (inh); BEHEERTYP: G6, G7, G9.        
Bunias orientalis - Grote hardvrucht: TWEEJARIG: mei-jun, geel, vrucht wrattig. Hemi, 0,6-1,2. Vochtige, voedselrijke bodems; in grazige en ruige vegetaties; op dijken, in bermen, spoorwegterreinen. zon. (inh); BEHEERTYP: G9, R7. W.bij   Hb1  
Carex hirta - Ruige zegge: VAST: mei-jun. Hemi, 0,3-0,5. Natte tot droge, voedselrijke vaak min of meer gestoorde bodems; in grazige vegetaties en braakliggende terreinen; vaak met een sterk wisselend vochtgehalte; onder meer in bermen, langs spoorwegen en langs waterkanten. Zon. (inh); BEHEERTYP: G6, G7, G8, G9.        
Cirsium vulgare - Speerdistel: TWEEJARIG: jul-aug, paars, blw. alleenstaand. Hemi, 0,6-1,5. Vochtige en vochthoudende, voedselrijke bodems; , maar het minst op veen; op min of meer open plaatsen en in stukgetrapte of -gereden vegetaties; op vrijwel alle in dit boek genoemde standplaatsen. Zon. (inh); BEHEERTYP: R9G9. W.bij Hom Hb1 Vlin
Dactylis glomerata - Kropaar: VAST: mei-aug, vast. Hemi, 0,4-1,2. Vochtige tot enigszins droge, voedselrijke bodems; vaak in verruigde grasvelden en op braakliggende terreinen. Zon. (inh);BEHEERTYP: G9, B&S 5.        
Elytrigia repens - Kweek: VAST: jun-aug, vast. Geof/Hemi, wortelstok, 0,3-1,4. Vochtige tot droge, voedselrijke bodems; op allerlei open, grazige en ruige plaatsen. Zon. (inh); BEHEERTYP: G9, G0, R9,P9, B&S 5, 7.        
Geranium molle - Zachte ooievaarsbek: EENJARIG: mei-okt, roodpaars. Ther, 0,05-0,4. Droge tot vochthoudende, voedselrijke zandige tot zavelige bodems; op open gronden, in grasvelden en bermen, op dijken, braakliggende terreinen en in stadsplantsoenen. Zon-beschaduwd. (inh); BEHEERTYP: G6, G7, G9. W.bij   Hb1  
Glechoma hederacea - Hondsdraf: VAST: apr-mei, paarsblauw, blw. okselstandig, bovengrondse uitlopers. Hemi, 0,15-0,5. Vochtige tot droge, voedselrijke bodems; in allerlei grazige en houtachtige vegetaties op allerlei standplaatsen; o; m; in stadsplantsoenen, graslanden en beschaduwde gazons, onder heggen, langs waterkanten op oude, sterk verweerde muren en stapelmuren. Zon-beschaduwd. TUIN (inh), Tegel; ZINTUIGPL: G.blad; BEHEERTYP: G6, G7, G9, G9, B&S 5, 7. W.bij Hom   Vlin
Heracleum sphondylium - Gewone berenklauw: VAST: jun-okt, wit soms roze. Hemi, 0,9-1,8. Vochtige tot iets droge, veelal zeer voedselrijke en humushoudende zand-, leem- en kleibodems; niet op puur veen; in allerlei bermen en grasvelden, op dijken, braakliggende terreinen, langs bosjes en in stadsplantsoenen. Zon-licht beschaduwd. TUIN (inh); BEHEERTYP: G9, R9, B&S 5. W.bij Hom Hb3 Vlin
Lamium album - Witte dovenetel: VAST: apr-sep, wit, blw. okselstandig. Hemi/Cham, ondergrondse uitlopers; 0,3-0,6. Op vochtige tot iets droge, zeer voedselrijke en vaak gestoorde bodems; op allerlei ruige, grazige plaatsen als bermen, weilanden en dijken, allerlei ruigten en braakliggende plaatsen en bosranden; verder aan de randen van ruige stadsplantsoenen. Zon. TUIN (inh); E&P: blad; ZINTUIGPL: S.bloem; BEHEERTYP: G9, R9, B&S 5. W.bij Hom Hb2  
Leontodon autumnalis - Vertakte leeuwentand: VAST: jul-okt, geel, blw. alleenstaand. Hemi, rozet, 0,15-0,8. Vochtige tot droge, voedselrijke bodems; in grazige vegetaties; in bermen, op dijken, in graslanden etc; verder op allerlei open gronden als kaal gereden wegbranden, braakliggende terreinen, tussen het plaveisel en tegen straatmeubilair. Zon. TUIN (inh), Tegel; BEHEERTYP: G6, G7, G0, G9. W.bij Hom Hb1 Vlin
Lolium multiflorum - Italiaans raaigras: EENJARIG: jun-okt; Ther, in zachte winters overblijvend; 0,4-1,0. Op vochtige, voedselrijke bodems; voornamelijk in bermen en grasvelden; verder op allerlei open plaatsen; Is niet volledig winterhard, maar overleeft de zachte winters van het laatste decennia tamelijk goed. Zon. (inh); BEHEERTYP: P9, G9.        
Lolium perenne - Engels raaigras: VAST: jun-sep. Hemi, 0,15-0,7. Overwegend vochtige en veelal zeer voedselrijke of brakke bodems; het meest op zwaar bemeste graslanden, in bermen, op dijken en verder veel op betreden en bereden plaatsen. Zon. (inh); BEHEERTYP: G9, G0.        
Malva moschata - Muskuskaasjeskruid: VAST: jul-sep, roze, wit, twee-, driejarig, stengelbladen meestal vijfdelig, plant rechtopstaand. Hemi, 0,4-0,8. Vochtige tot vochthoudende, voedselrijke zand-, leem- en kleibodems; in grazige en ruige begroeiingen; in bermen, op dijken, spoordijken en braakliggende terreinen. Zon. TUIN (inh), Tegel; BEHEERTYP: G9, R9. W.bij Hom Hb3 Vlin
Malva sylvestris (inclusief ssp. mauritanica) - Groot kaasjeskruid: TWEEJARIG: jun-okt, roze tot rozerood, bloem 3-4 cm in doorsnede, blad gelobd, plant meestal rechtopstaand of sterk opstijgend. Hemi, 0,5-1,4. Vochthoudende, voedselrijke, lemige tot kleiige bodems; op overhoeken, spoorwegemplacementen, verlaten industrieterreinen, basaltglooiing en rivierdijken. Zon. TUIN (inh), Tegel; E&P: blad; BEHEERTYP: G9, R9. W.bij Hom Hb3  
Medicago sativa - Luzerne: VAST: jun-sep, blauw tot paarsachtig, blw. okselstandige tros. Hemi, 0,3-0,8. Vochtige, voedselrijke, lemige en kleiige bodems; in wegbermen, op rivier-, kanaal- en spoordijken, spoorwegemplacementen, haven- en industrieterreinen. Zon. (inh); FAUNA: Hb4, Hom, W.bij, Vlin; BEHEERTYP: G7, G9. W.bij Hom   Vlin
Mentha rotundifolia - Wollige munt: VAST: jun-sep, lila-wit, blw. aar. Hemi, 0,5-1,5. Vochtige, voedselrijke minerale bodems; op voormalige volkstuin complexen langs het spoor en aangrenzende bermen of taluds. Zon. TUIN (inh); E&P: blad; ZINTUIGPL: G.blad; BEHEERTYP: G9.   Hom Hb1  
Phleum pratense ssp pratense - Timoteegras: VAST: jun-aug. Hemi, 0,5-1,2. Vochtige, voedselrijke zandige tot kleiige bodems; voornamelijk in graslanden, bermen en dijken. Zon. (inh); BEHEERTYP: G9.        
Poa pratensis - Veldbeemdgras: VAST: mei-jun. Hemi, 0,2-0,8. Droge tot vochtige, zandige tot kleiige voedselrijke bodems; ook op muren, halfver hardingen en tussen het plaveisel. Zon. (inh); BEHEERTYP: G3, G6, G7, G9.        
Potentilla anserina - Zilverschoon: VAST: mei-aug, geel, blw. alleenstaand; lange bovengrondse uitlopers. Hemi, 0,1-0,5. Natte tot vochtige of brakke, voedselrijke, veelal betreden en verdichte bodems; vaak in sterk uitdrogende, wisselvochtige bodems; in allerlei grazige begroeiingen; in duinvalleien, schorren, bermen en langs vijverkanten en op betreden plaatsen. Zon. (inh); FBEHEERTYP: G0, G7tr, G8, G9.        
Ranunculus ficaria - Speenkruid: VAST: mrt-mei, geel, blw. alleenstaand. Geof, knolletjes,0,1-0,4. Vochtige, (zeer) voedselrijke bodems; zoutmijdend; in Vochtige loofbossen, stadsplantsoe­nen, in parken, onder heggen, op begraafplaatsen, in grasvelden en bermen, op greppel- en sloot­kanten; groeit vaak tussen de brandnetels. Zon en halfschaduw. zon-beschaduwd. TUIN (inh); BEHEERTYP: G9, B&S 5. W.bij Hom Hb2 Vlin
Ranunculus repens - Kruipende boterbloem: VAST: mei-jul, geel, blw. pluimvormig vertakt. Hemi/ Cham/Helo, bovengrondse uitlopers, 0,1-0,5. Natte tot vochtige, voedselrijke bodems; op grazige plaatsen, in stadsplantsoenen, boomspiegels, op betreden plaatsen en plaatsen met een sterk wisselende water­stand. Zon en halfschaduw. (inh); Giftig (mens); BEHEERTYP: G7, G8, G9, B&S 5, 6. W.bij Hom Hb2 Vlin
Rorippa sylvestris - Akkerkers: VAST: jun-sep, geel. Hemi, wortelstok, 0,2-0,4. Open, natte tot vochtige, zandige tot kleiige bodems; in uiterwaarden, langs oevers, op recreatieterreinen, braakliggende terreinen en akkers, nog weinig in stadsplantsoenen. Zon-licht beschaduwd. (inh); BEHEERTYP: P8, P9, G9. W.bij      
Rumex crispus - Krulzuring: VAST: mei-okt, groen. Hemi, penwortel, 1,0-1,5. Vochtige, voedselrijke, zandige tot kleiige bodems; voornamelijk op grazige plaatsen; in bermen, op dijken en verder vaak op open plaatsen met een sterk wisselende waterstand. Zon. (inh); BEHEERTYP: P9, G9.        
Rumex obtusifolius - Ridderzuring: VAST: jun-okt, groenig: Hemi, penwortel, 0,7-1,5. Vochtige of vochthoudende, zeer voedselrijke en vaak bemeste bodems; in gestoorde stadsplantsoenen, geklepelde grasvelden, bermen, in paardenweiden, op beschaduwde plaatsen in het gras, vaak onder loofhout en op braakliggende terreinen. Zon-beschaduwd.. (inh); BEHEERTYP: G9, R9, B&S 5.        
Trifolium hybride - Basterdklaver: VAST: mei-sep, wit tot roze, blw. hoofdje. Hemi, 0,3-0,6. Vochtige, voedselrijke, lemige tot kleiige bodems; in min of meer open, grazige vegetaties en open plekken; in bermen en grasvelden, op dijken, taluds en braakliggende terreinen; indicator: Vochtige, voedselrijke bodems. Zon. (inh); BEHEERTYP: G9.   Hom    
Trifolium repens - Witte klaver: VAST: mei-okt, wit tot iets roze, blw. hoofdje. Hemi, 0,05-0,35.Natte tot vochtige voedselrijke bodems; in grazige vegetaties; grasvelden, gazons, bermen, betreden grazige plaatsen en grasvelden die onderhevig zijn aan een sterk wisselende waterstand. Zon. (inh); BEHEERTYP: G7, G8, G9. W.bij Hom Hb5 Vlin
Naar top pagina