Beheertype P1: Natte, tot vochtige, voedselarme, zure/zwak zure bodem
Voorkomen -- In hoofdzaak op zandige bodems en venige zandgrond. Van nature op plekken die gewoonlijk in de winter onder water staan en nu en dan, vooral in droge zomers, uitdrogen (bijvoorbeeld spoorweg- en wegbermgreppels en vennen) verder op afgeplagde heischrale bodems. Buiten natuurterreinen vrijwel altijd kleinschalige vegetaties die voor imkers nauwelijks of geen betekenis hebben.
Opmerking -- Nectar- en stuifmeelplanten komen nauwelijks voor. In een later stadium of elders in het terrein kan onder meer gewone dophei of struikhei voorkomen. Zie voorbeeld Natuurtuin Muntendam
 
Gidssoorten: Kleine zonnedauw, knolrus, moerashersthooi, ronde zonnedauw, veenbies.
Overzicht soorten P1
 
De natuurtuin van Muntendam is in de eerste helft van de jaren negentig aangelegd. De bodem bestaat uit zeer voedselarme zandgrond. Er is niets ingezaaid. Op de onbegroeide natte bodem kwam zonnedauw talrijk tot ontwikkeling. Elders in dit gebied komt gewone dophei en struikhei voor. Er zijn veel wilde bijen en er staat een bijenstal op het terrein. wilde bijen (Muntendam, 1995)
 
 
Kleine zonnedauw -- Kleine zonnedauw is te herkennen aan de smallere bladen.
 
 
Ronde zonnedauw heeft zich tijdelijk gevestigd op de aanvankelijk kale bodem, maar zal door het oprukkende gras binnen enkele jaren uit deze vegetatie zijn verdwenen. Door kleinschalig afplaggen zal deze soort zich op deze natte plek weer ontwikkelen. Op andere plaatsen kan die zich in natte graslanden handhaven (natuurtuin Muntendam, 2006)
 
 
 
Overzicht soorten P1: Soorten van natte, tot (zomer)vochtige, voedselarme, zure/zwak zure bodem --
(tabel wordt in 2013 vervangen)
Drosera intermedia - Kleine zonnedauw : EENJARIG: jul-aug, wit. Ther, 0,05-0,1. Natte, open, veelal droogvallende, voedselarme zure veen-, zand- en leembodems; in droogvallende vennen, greppels en natte aangelegde bermen, natte spoorbermen, op geplagde bodems en natte open heidegronden. Zon. BEHEERTYP: (WB) P1.
Drosera rotundifolia - Ronde zonnedauw : EENJARIG: jul-aug, wit, blad rood. Ther, 0,5-0,25. Natte, open of droogvallende, zure voedselarme veen-, zand- en leembodems; op heidegrond, afgeplagde of drooggevallen gronden, greppels en poelen; verder veelal in open grazige vegetaties. Zon.BEHEERTYP: P1, G1.
Hypericum elodes - Moerashersthooi : VAST: jun-sep, geel. Helo, 0,1-0,45. Voedselarme, natte zwak zure bodems; niet op klei; vaak op zeer ondiepe plaatsen met kwelwater en op tijdelijk droogvallende plekken; vaak op plaatsen met een wisselende waterstand. Zon. BEHEERTYP: P1, W2.
Juncus bulbosus - Knolrus : VAST: jun-okt; plant vaak roodbruin aangelopen. Helo, 0,05-0,2. Natte, open of droogvallende, zure voedselarme veen-, zand- en leembodems; op heidegrond, afgeplagde of drooggevallen gronden, greppels en poelen. BEHEERTYP: P1, V2.