Beheertype P6: Droge tot vochthoudende matig voedselrijke bodem
Voorkomen --Veel van de planten van dit milieu kwamen vroeger op akkers voor en tegenwoordig in akkerreservaten en verder ook op allerlei andere open plaatsen, zoals spoorweg- en bedrijventerreinen en ook vaak op gruisachtige en vaak leemhoudende substraten. Veel van deze planten groeien ook op verhardingen.
 
Drachtplanten (Nectar- en stuifmeelplanten)
Kenmerkende soorten: Amsinckia, bleekgele hennepnetel, driekleurig viooltje, gele kamille, hazenpootje, korenbloem, kromhals, middelste ganzerik, mottenkruid, Noorse ganzerik, rechte ganzerik, ringelwikke, ruige klaproos, valse kamille.
Overige soorten: Akkervergeet-mij-nietje, bleke klaproos, bonte wikke, brede lathyrus (vaste plant), citroengele honingklaver, echt bitterkruid, gewone hennepnetel, gewone reigersbek, glanzend kruiskruid, grote zandkool, grijs havikskruid, grijskruid, incarnaat klaver, ijzerhard, Jacobskruiskruid ( liever niet uitzaaien), klein streepzaad, kleine leeuwenbek, kleine ooievaarsbek, klimopereprijs, knopherik, koningskaars, melige toorts, middelste teunisbloem, muurpeper, ruw vergeet-mij-nietje, schermscheefbloem, slaapbol, slaapmutsje, smalle weegbree, stalkaars, stinkende gouwe, veelkleurig vergeet-mij-nietje, veldereprijs, vijfvingerkruid, vroegeling, witte reseda, witte honingklaver, zeepkruid (vaste plant), zomerfijnstraal (soort is sterk invasief), zwaluwtong.
Geen drachtplanten
Kenmerkende soorten: gewone spurrie, gewoon langbaardgras, groene naaldaar, grote windhalm, papegaaienkruid, tengere vetmuur. Overige soorten: akkerviooltje, avondkoekoeksbloem, boskruiskruid, doornappel, driedistel, gewone zandmuur, kleverige reigersbek, kruipertje, rode schijnspurrie, schapenzuring, zilverhaver.
Overzicht van de voornaamste drachtplanten en wilde bijen
Voorbeelden
Muurpeper op basaltglooiing Muurpeper in middenberm Grote zandkool langs dijk Driekleurig viooltje Gele kamille langs spoor
Grijskruid is berm Jacobskruiskruid Bleke klaproos Klein streepzaad Korenbloem in akker
Hazenpootje in open gras Melige toorts langs spoor Middelste teunisbloem Toortsen Valse kamille
Witte honingklaver Zeepkruid Wegdistel    
 
 
Muurpeper groeit ook op en in stenige milieus; hier in de voegen van een basaltglooiing van de Waaldijk bij Dodewaard. Terug
Muurpeperwas in de jaren tachtig een algemene plant in het stadsbeeld. Ze kwam ook veel in plantsoenen voor, meestal op plekken die met het onkruidbestrijdingsmiddel Simazin waren bespoten. Op plekken waar deze soort de concurrentie moet aangaan met andere plantensoorten is ze snel verdwenen (Amsterdam-Noord, 1995) Terug
Grote zandkool groeit in hoofdzaak op open zandige bodems. In de stad groeit hij vaak op plekken die door betreding of andere vormen van storing kaal zijn geworden. (Amsterdam-Noord 1998) Terug
Driekleurig viooltje is een pionierplant die vaak in open grazige vegetaties op bodems groeit. Hij neemt vaak een tussenpositie is tussen grasland en open grond. Groeit hier samen met een andere pionierplant: kleine veldkers (de uitgebloeide plant met de lange bruinachtige houwen) Terug
Gele kamille is er meestal in zeer kleine aantallen en van zeer korte duur. Het verlaten spoorwegemplacement van Simpelveld vormde daar in de jaren tachtig en negentig een uitzondering op. (Simpelveld 1983) Terug
Grijskruid -- Soorten van verschillende beheertypen op schrale, vrij droge bodem groeien hier bij elkaar. Grijskruid zal bij verdere, maar niet te sterke vergrassing standhouden. Terug
Jacobskruiskruid is hier meer een pionierplant dan een graslandplant. De soort kan langdurig standhouden en vormt op deze wijze een zaadbron van enorme omvang. In verband met zijn giftigheid voor paarden is dat niet gewenst, maar de soort loopt na een aantal jaren sterk terug als de bodem niet te veel wordt verstoord. (Plantage Willem lll, Elst, 2000). Terug
Bleke klaproos -- Als eenjarige wordt bleke klaproos waarschijnlijk het meest toegepast op de lichtere bodems (Park Haarlem) Terug
Klein streepzaad in een beplanting rondom een parkeerplaats die aan het vergrassen is; hier waren veel wilde bijen waargenomen (Utrecht, Zwarte Water, 1990) Terug
Korenbloem wordt alleen in akkerreservaten nog massaal aangetroffen, vaak samen met andere zeldzame en meer algemene akkeronkruiden. (Overasselt, 2005) Terug
Hazenpootje komt in het stedelijk gebied niet zo vaak voor. De soort groeit in Hilversum talrijk op vrij schrale zandgrond. Bij vergrassing maximaal éénmaal per jaar maaien. Terug
Melige toorts Groeit meestal op open plekken. De grote van de populatie wisselt enorm soms lijkt hij bijna verdwenen en in sommige jaren komen er over een afstand van 1000 m honderden planten voor. Deze soort komt hier waarschijnlijk al een halve eeuw voor. (Utrecht - Veenendaal, 1988) Terug
Middelste teunisbloem -- Op deze plaats is een fabriek afgebroken. Middelste teunisbloem is hier waarschijnlijk uitgezaaid, maar onder natuurlijke omstandigheden kunnen we deze plant ook in deze dichtheden aantreffen. (Ede) Terug
Toortsen - In de periode rond de jaren tachtig waren veel spoorwegemplacementen of delen daarvan buiten gebruik. Op droge, schrale en al dan niet kalkhoudende bodems kon den toortsen vaak massaal voorkomen. In op deze foto gaat het voornamelijk op koningskaars, maar vaak groeide deze soort met stalkaars (P4) samen. Het gevolg was vaak een sterke verbastering waarin zuivere vormen van de ouders soms niet meer te onderscheiden waren. (Elst, Betuwe 1989) Terug
Valse kamille wordt zowel in als buiten akkers nog geregeld gevonden, maar steeds in kleine aantallen; soms talrijk op braakliggende, niet te zwaar bemeste akkers. Terug
Witte honingklaver houdt het midden tussen een ruigtekruid en een pionierplant. Hij komt vaak op industriële plaatsen voor. (Schiedam 2008) Terug
Zeepkruid op een rivierduintje; is meer een langdurig overblijvende plant dan een pionierplant. (Millingerwaard 1996) Terug
 
Wegdistel -- In het Holypark in Vlaardingen is ook wegdistel uitgezaaid. Een aantal jaren geleden werd dit park in zijn voortbestaan bedreigd, maar de buurt wist door acties dit park te behouden. Terug
 
 
Overzicht van de voornaamste drachtplanten en wilde bijen van beheertype P6  
#: sterk gebonden aan de plant. Dat kan varieren van volledig afhankelijk zijn tot een sterk voorkeur hebben voor deze plant.
* nestelen boven de grond (stengels, dood hout, muren; vaak ook in nestblokken/bijenhotels)
Anthemis arvensis - Valse kamille wormkruidbij (Colletes daviesanus*#, tronkenbij (Heriades truncorum*#)
Anthemis tinctoria - Gele kamille Duinzijdebij (C. fodiens); groefbijen (lasioglossum)
* nestelen boven de grond tronkenbij (Heriades truncorum); wormkruidbij (Colletes daviesanus); maskerbijen (Hylaeus).
Berteroa incana - Grijskruid zandbijen (Andrena carbonaria, A. flavipes, A. minutula, A. nigriaenea), groefbijen (Lasioglossosum calceatum, L. morio; L. sexstrigatum; Halictus tumulorum), maskerbijen (Hylaeus*)
Centaurea cyanus Korenbloem zandbijen (Andrena nigriceps, A. flavipeps), groefbijen (Halictus rubicundus, H. scabiosae; Lasioglossum calceatum, L. leucozonium. Behangersbijen ( Megachilea versicolor*)
Chelidonium majus - Stinkende gouwe zandbijen (Andrena carantonica, A. chrysoscelis, A. flavipes, A. fulcata, A. nitida, A. nigroaenea -Westrich 1989, A.subopaca, A. tibialis); groefbijen ( Lasioglossum calceatum, L. morio, L. sexnotatum); Rosse mestelbij (Osmia rufa*)
Crepis capillaris - Klein streepzaad zandbijen (Andrena flavipes, A. minutula, A. fulvago), groefbijen (Halictus rubicundus, H. scabiosae, H.tumulorum, Lasioglossum calceatum, L. leucozonium, L. sexstrigatum, L. villosulum #), pluimvoetbij (Dasypoda hirtipes #), roetbijen (Panurgus banksianus #, P. calcaratus #), tronkenbij (Heriades tuncorum*)
Diplotaxis tenuifolia - Grote zandkool groefbijen (Lasioglossum), zandbijen (Andrena)
Erigeron annuus - Zomerfijnstraal zijdebijen (Colletes fodiens), groefbijen (onder meer Lasioglossum calceatum)
* nestelen boven de grond zijdebijen (Colletes daviesanus, tronkenbij (Heriades truncorum)
Melilotus albus - Witte honingklaver zandbijen (Andrena flavipes); groefbijen (Halictus)
* nestelen boven de grond behangersbijen (Megachile versicolor, M. ericetorum), metselbijen (Osmia)
Melilotus officinalis - Citroengele honingklaver zandbijen (Andrena flavipes); groefbijen (Halictus)
* nestelen boven de grond behangersbijen (Megachile versicolor), metselbijen (Osmia)
Onopordum acanthium - Wegdistel behangersbijen (Megachile versicolor8), Groefbijen (Halictus)
Potentilla intermedia - Middelste ganzerik maskerbijen (onder meer Hylaeus variegatus)
Potentilla recta - Rechte ganzerik maskerbijen (Hylaeus*), zandbijen (Andrena), groefbijen (lasioglossum)
Potentilla reptans - Vijfvingerkruid zandbijen (Andrena flavipes, A. minutula); groefbijen (Halictus rubicundus, H. tumulorum; Lasioglosum calceatum, L. leucozonium; L. morio, L. punctatissimum, L. sexstrigatum, L. zonulum); wespbijen (Nomada); bloedbijen (Sphecodes)
Sedum acre - Muurpeper zandbijen (Andrena groefbijen (Halictus rubicundus, Lasioglossum lucidulum, L. villosulum)
* nestelen boven de grond maskerbijen (Hylaeus communis, H. confusus,H. gibbus, H. hyalinatus, H. pictipes)
Senecio jacobaea - Jacobskruiskruid zandbijen (Andrena flavipes, A. denticulata #); groefbijen (Lasioglossum); zijdebijen (Colletes fodiens)
* nestelen boven de grond Zijdebijen (Colletes daviesanus #); tronkenbij (Heriades truncorum #), behangersbijen (Mechachile versicolor)