| Beheertype P9 -- Vochtige tot droge zeer voedselrijke bodem |
| Voorkomen -- Op vrijwel alle veelal bemeste en/of verstoorde of opgebrachte bodems. Vaak op braakliggende terreinen, langs akkers, op verlaten volkstuinen en op plaatsen met een duidelijk achterstallig onderhoud. |
| |
| Drachtplanten (nectar- en stuifmeelplanten) |
| Kenmerkende soorten: Akkerdistel, akkerkool, akkerkers, akkermelkdistel, beklierde duizendknoop, bergbasterdwederik, bernagie, echte kamille, gekroesde melkdistel, gele mosterd, gewone melkdistel, gewone raket, gewoon herderstasje, gewoon varkensgras, grote ereprijs, grote weegbree, hennep, herik, hoenderbeet, klein hoefblad, klein kaasjeskruid, klein kruiskruid, koolzaad, moederkruid, moerasandoorn, moeraskers, paarse dovenetel, perzikkruid, raapzaad, radijs/bladramanas, reukeloze kamille, schijfkamille, stijve steenraket, vogelmuur, zwarte mosterd. |
| Overige soorten: Akkerkers, beklierde basterdwederik, gewone duivenkervel, grote klaproos, phacelia, zilverschoon, zwaluwtong. |
| |
| Geen drachtplanten |
| Kenmerkende soorten: behaarde boterbloem, bijvoet, bolletjesraket, glad vingergras, grove varkenskers, hanenpoot, harig knopkruid, harig vingergras, Italiaans raaigras, kaal knopkruid, kleine brandnetel, kleine varkenskers, kluwenhoornbloem, kroontjeskruid, kruisbladige wolfsmelk, krulzuring, kweek, melganzenvoet, pijlkruidkers, slipbladige ooievaarsbek, spiesmelde, steenkruidkers, stijve klaverzuring, straatgras, straatliefdegras, tuinwolfsmelk, uitstaande melde, vreemde ereprijs, witte krodde, winterpostelein, zwarte nachtschade. |
| Overzicht van de voornaamste drachtplanten en wilde bijen |
| Voorbeelden |
|
| |
| |
| Akkerdistel is bij vele een weinig gewaardeerde plant, maar behoort tot een van de beste nectarplanten niet alleen voor bijen, maar vooral ook voor vlinders. Zeker als de distels beschut staan in een inham van een beplanting. (Ede, 1998) |
Terug |
 |
| |
| |
| Akkerdistel in de stad |
Terug |
 |
| |
| |
| Herik is hier voor tijdelijk ingezaaid. Een creatieve oplossing voor een woonwijk in aanbouw (Arnhem 1990) |
Terug |
 |
| |
| |
| Koolzaad kan op plekken waar bermen of dijken zijn open gemaakt of hersteld tot dominantie komen (Lingedijk, 1994). Zie ook: |
Terug |
 |
| |
| |
| Koolzaadis hier spontaan; in een gedeelte van een park dat nog moet worden aangelegd, het geeft duidelijk aan hoe rijk de bodem hier is (Diemen, 1998). |
Terug |
 |
| |
| |
| Reukeloze kamille op een plek waar huizen zijn afgebroken |
Terug |
 |
| |
| |
| Zwarte mosterd kan, evenals koolzaad, kale bodems volledig bedekken, vooral op braakliggende terreinen (Millingerwaard 1997). |
Terug |
 |
| |
| |
| Zwarte mosterd kan ook op open plekken langs beplantingen masaal opslaan. Vroeger werd deze plant ook wel tussen de jonge aanplant ingezaaid om uitdroging door de zon tegen te gaan (Amsterdam, 2001). |
Terug |
 |
| |
| |
| Klein hoefblad is een vaste plant die zich als pionierplant gedraagt, maar lang kan standhouden. De eerste bijen en vlinders worden in het voorjaar vaak op deze plant gezien. (Duivendrecht, 1991) |
Terug |
 |
| |
| |
| Akkermelkdistel in een haverveld. (Doorn 2006) |
Terug |
 |
| |
| |
| Phacelia wordt geregeld als groenbemester gebruikt. Omdat het een buitengewoon goede bijen/drachtplant is snijdt het mes aan twee kanten. Daarnaast wordt het landschap er door verfraaid. (Groningen, omgeving Nieuw-Beerta 1998). Doordat deze soort vaak wordt uitgezaaid en verwilderd, is hij aan het inburgen. |
Terug |
 |
| |
| |
| Phacelia als akkerrandbegroeiig: hier substantieel voor bijen. |
Terug |
 |
| |
| |
| Overzicht van de voornaamste drachtplanten en wilde bijen van beheertype P9 |
Terug |
| #: sterk gebonden aan de plant. Dat kan varieren van volledig afhankelijk zijn tot een sterk voorkeur hebben voor deze plant. |
|
| * nestelen boven de grond (stengels, dood hout, muren; vaak ook in nestblokken/bijenhotels) |
|
| Brassica napus - Koolzaad |
in hoofdzaak zandbijen (Andrena angustior, A. argentata, A. barbilabris, A. bicolos, A. carconaria, A. crysoscelis, A. cineraria, A. flavipes, A. fulcata, A. fulva, A. haemorrhoa, A. minutula, A. nigroaenea, A. nitida, A. tibialis), groefbijen (Halictus rubicandus, H. tumulorum; lasioglossum calceatum, L. morio, L. zonulum) |
| * nestelen boven de grond |
maskerbijen (Hylaeus) metselbijen (Osmia bicorol, O. cornuta, O. rufa) |
| Brassica nigra - Zwarte mosterd |
zandbijen (Andrena barbilabris, A. bicolor, A. carantonica, A.chrysosceles, A. flavipes, A. haemorrhoa, A. minutula, A. nigroaenea, A. proxima, A. subopaca), groefbijen (Halictus, lasioglossum); maskerbijen (Hylaeus communis*) |
| Cirsium arvense - Akkerdistel |
zandbijen (Andrena flavipes), groefbijen (Halictus rubicundus, H. tumulorum; onder meer Lasioglossum calceatum); Slobkousbij (Macropis europaeus);pluimvoetbij (Dasypoda hirtipes) |
| * nestelen boven de grond |
maskerbijen (Hylaeus pectoralis, H. confusus); tronkenbij (Heriades truncorum); behangersbijen (Megachile versicolor, M. willughbiella) |
| Lamium purpureum - Paarse dovenetel |
sachembij (Anthophra acervorum) |
| * nestelen boven de grond |
grote wolbij (Anthidium manicatum), blauwe metselbijen (Osmia caerulescens) |
| Lapsana communis - Akkerkool |
groefbijen (Halictus rubicundus; Lasioglossum calceatum, L. leucozonium, L. morio, L. strigatum, L. villosum); zandbijen (andrena); behangersbijen (Meachile centucularis*) |
| Matricaria recutita - Echte kamille |
bloedbijen (Sphedodes) |
| |
wormkruidbij (Colletes daviesanus); tronkenbij (Heriades truncorum) |
| Rorippa sylvestris - Akkerkers |
zandbijen (Andrena chrysosceles, A. subopaca), groefbijen (Halictus rubicundus, H. tumulorum, Lasioglossumcalceatum, L. leucopus, L. sexstrigatum, L. villosulum) |
| * nestelen boven de grond |
maskerbijen (Hylaeus communis, H. gibbus, H. hyalinatus, H. pictipes) |
| Sinapis arvensis - Herik |
zandbijen (Andrena barbilabris, A. bicolor, A. carbonaria, A. flavipes, A. nigripes, A. minitula); groefbijen (Halictus en Lasioglossum); metselbijen (Osmia rufa*) |
| Sonchus arvensis - Akkermelkdistel |
pluimvoetbij, grasbij, zeer locaal schorzijdebij, tronkenbij, en diverse soorten groefbijen (onder meer Lasioglossum zolunum en L. calceatum |
| * nestelen boven de grond |
behangersbijen (Megachile versicolor, M. centucularis) |
| Stachys palustris - Moerasandoorn |
grote wolbij (Anthidium manicatum*), andoornbij (Anthophora furcata*#) |
| Tripleurospermum maritimum - Reukeloze kamille |
zijdebijen (Colletes fodiens #); zandbijen (Andrena flavipes); waarschijnlijk ook groefbijen (Lasioglossum) |
| * nestelen boven de grond |
zijdebijen (Colletes davivieanus); tronkenbij (Heriades truncorum) |
| Tussilago farfara - Klein hoefblad |
zandbijen (Andrena bicolor, A. flavipes, A.haemorrhoa, A. minitula, A. carantonica); groefbijen (Lasioglossum), rosse metselbij (Osmia rufa*) |
|
| |
Terug |
| |