script language="Javascript1.2">
Sluit deze pag. met kruisje rechts boven!
9 Essen-iepenbos: toepasbare houtige soorten en voorkomende kruiden
9 Essen-iepenbos -- 14 Abelen-iepenbos -- 8 Elzenrijk essen-iepenbos --11 Eiken- essenbos-- Verschillen iepenbos
De meeste bossen van dit type die in Nederland aanwezig zijn, hebben een sterk cultuurlijk karakter. Dit betreft het essenhakhout dat het meest in de omgeving van de Langbroekerwetering voorkomt en parkachtige beplantingen zoals landgoederen, stinzen, parkbossen, begraafplaatsen op zavel- en rivierklei- (Betuwe, Kromme Rijn, Utrechtse Vecht) en zeekleigronden (randprovincies, IJsselmeerpolders). Het overgrote deel van de stedelijke houtige beplantingen passen het beste bij dit bostype.
In de kruidlaag komen meestal soorten voor die we ook vaak spontaan in tuinen en parken kunnen aantreffen. Zoals fluitenkruid, geel nagelkruid, gewone berenklauw, gewone hennepnetel, grote brandnetel, kruipende boterbloem, hondsdraf, kleefkruid, en zevenblad. Deze soorten komen vaak snel tot dominant bij te extensief beheer.
Bodem
Vochtig, winterpeil tot 40cm zomerpeil lager dan120cm Voedselrijk Rivierklei- en zeeklei- en zavelbodems; eerdgronden, vaaggronden Kalkrijk, pH6,5-7 Humusrijk
Bomen Hoofdhoutsoorten: Gewone es, gladde iep, gewone esdoorn, wintereik.
Begeleidende soorten -- Zomereik, beuk. Toepasbaar zijn ook: haagbeuk, Hollandse linde, winterlinde, zoetekers, zomerlinde, zwarte els, zwarte populier. Verder Noorse esdoorn, witte paardenkastanje en in niet te natte of te kalkrijke parkbossen/stinzen ook tamme kastanje.
Struiken Struiken en lianen: Aalbes, eenstijlige meidoorn, gewone vlier, hazelaar, hondsroos, klimop, kruisbes, rode kamperfoelie, sleedoorn, Spaanse aak, taxus, vogelkers, wegendoorn, wilde kardinaalsmuts. Toepasbaar zijn ook: Gelderse roos, rode kornoelje, tweestijlige meidoorn, wilde lijsterbes. Bramen komen vaak voor. Aangeplant in landgoederen en parkbossen sneeuwbes.
Linanen hop, klimop.
Kruidlaag Nectar- en stuifmeelplanten: Kenmerkende soorten: fluitenkruid, groot heksenkruid, look-zonder-look, speenkruid.-- Overige soorten: bosandoorn, bosanemoon, bostulp, bosvergeet-mij-nietje, braadbladig klokje, dagkoekoeksbloem, donkere ooievaarsbek, geel nagelkruid, gewone berenklauw, gewone hennepnetel, holwortel, hondsdraf, klein springzaad, klimopereprijs, kruipende boterbloem, muursla, roze winterpostelein, robertskruid, sneeuwklokje, stinkende gouwe, vingerhelmbloem en zevenblad. Ook toegepast worden: adderwortel, blauwe anemoon, boerenkrokus, bonte gele dovenetel, bosaardbei, daslook, gele anemoon, gestreepte dovenetel, gevlekt longkruid, gevlekte dovenetel, gewoon vingerhoedskruid, grote sneeuwroem, hartbladzonnebloem, kleine maagdenpalm, knikkende vogelmelk, kruipend zenegroen, lenteklokje, lievevrouwebedstro, maarts viooltje, muskuskruid, oosterse sterhyacint, overblijvende ossentong, schijnaardbei, slanke sleutelbloem, tuinjudaspenning, wilde akelei, wilde hyacint, (wilde narcis), weegbreezonnebloem, winterakoniet, wit hoefblad, wrangwortel.
Geen bijenplanten: Overige soorten: bloedzuring, brede wespenorchis, drienerfmuur, gevlekte aronskelk, grote brandnetel, grote keverorchis, kleefkruid, klimopereprijs, kruipende boterbloem, muursla. Ook toegepast worden: Italiaanse aronskelk, schijnaardbij (kan zeer dominant worden..
Foto's Een fietspad in esseniepenbos----Meanderpark Amstelveen---Kruidlaag met holwortel---Essenbos met fluitenkruidFluitenkruid woonwijk--Stins Rauwerd met holwortel --Stins IJsbrechtum met krokus --Vliegenbos met speenkruidEssenhakhout met bosanemoon---Stinkende gouwe Bijlmermeer
 
Een fietspad -- De meeste beplantingen in het stedelijk gebied hebben veel gemeen met de eikenbossen van de rijke bodems en staat nog het dichts bij het essen-iepenbos, waarvan speenkruid een kenmerk is. Deze beplantingen hebben vooral in het voorjaar een hoge belevingswaarde
 
Meanderpark Amstelveen -- De gemeente Amstelveen heeft in de woonomgeving veel parken en parkstroken aangelegd die zijn gebaseerd op beuken-eikenbossen van de voedselrijke bodems. Vooral de rijke varianten van de kruidlaag worden in deze gemeente geaccentueerd. (Amstelveen 1992)
 
Holwortel stins Rauwerd -- Stins Rauwerd is een van de beroemdste stinzen van het Noorden. Holwortel komt hier massaal voor. In de zomer maakt hier de stinzenflora plaats voor een ruige vegetatie waarin grote brandnetel en zevenblad domineren. (Rauwerd, Jongema-state 1993)
 
Kruidlaag met holwortel -- Beuken-eikenbossen van de rijke bodems onderscheiden zich van de beuken-eikenbossen van de arme bodems door hun weelderige en vaak voorjaarsbloeiende kruidlaag. (Kollum 1993)
 
Essenbos met fluitenkruid -- Dit is nog een zeer jong essenbos op goed vochtige kleigrond. Doordat dit bos relatief veel licht doorlaat kunnen hier veel soorten planten groeien. Fluitenkruid is het meest dominant. Enkele andere soorten zijn: geel nagelkruid, hondsdraf en look zonder look. Speenkruid zal hier zeer waarschijnlijk voorkomen of zich hier gaan vestigen. (Warffumer bos 1996)
 
Detail essenbos met fluitenkruid -- Onder met kleefkruid rechtsonder met grote brandnetel
 
Potentieel essenbos met fluitenkruid -- Op de meeste vochtige, voedselrijke stadsbodems zal zonder beheer essen-iepenbos ontstaan. De schietwilgen op deze foto zullen op termijn verdwijnen (Arnhem-Noord 1994)
 
Laan met boeren krocus (Ysbrechtem 1991)
 
Speenkruid in het Vliegenbos -- Het Vliegenbos is volgens bosbouwprincipes aangelegd. Sinds de jaren tachtig is het meer en meer ecologisch beheerd. Onder meer door het maken van open plekken en door meer te dunnen. Speenkruid komt hier in het voorjaar dominant voor. Ook als het nog niet in bloei staat levert het een schitterend beeld op. Omdat dit bos volledig is ingesloten door woonwijken en door het Noordzeekanaal, zou dit bos zonder enig bezwaar tot een stinzenbos kunnen worden omgevormd. (Amsterdam-Noord, Vliegenbos 2004)
 
Essenhakhout met bosanemoon -- Vooral in het Kolland (bij Amerongen/Leersum) kan de kruidlaag in het essenhakhout gedomineerd worden door bosanemoon. (Kolland 2004)
 
In de jaren tachtig zijn er met veel kennis tientallen kruidachtige soorten geïntroduceerd in beplantingen van de bijlemermeer. De kruidachtige vegetatie kwam sterk overeen met een natuurlijke vegetatie van het essen-iepenbos met ondermeer stinkende gouwe en look zonder look, fluitenkruid en grote brandnetel. (Amsterdam, Bijlmer 1993).
 
Detail van een andere plaats. waar te veel lichtbinnen dringt en beheer van de kruidlaag te weinig aandacht krijgt zal grote brandnetel geleidelijk aan de overhand krijgen. (Gouda 2001)
 
 
14 Abelen-iepenbos : toepasbare houtige soorten en voorkomende kruiden
Veelal lintvormige, structuurrijke loofbossen of loofbosachtige vegetaties. Voornamelijk aan de binnenduinrand van het kalkrijke duingebied ten zuiden van Bergen en in het rivierengebied (vooral in de omgeving van de grote rivieren) in de vorm van oeverwallen. De kruidlaag is vaak rijk aan bolgewassen die oorspronkelijk al dan niet door mensen zijn geïntroduceerd. Dit bostype ontwikkelt zich ook in aangelegde bossen (stinzenmilieus).
Bodem
Vochtig, zomerdroog; winterpeil max. 50cm, zomerpeil dieper dan 120cm
periodiek blank/nat
Voedselrijk Zand- en zavelgronden; duinvaaggrond, ooivaaggrond Kalkrijk - basisch: pH6,-8; Humeus
Bomen Hoofdhoutsoorten: Gladde iep, gewone es, gewone esdoorn, zomereik.
  Begeleidende soorten: Beuk, witte paardenkastanje, witte abeel. Op vochtige bodems ook zwarte els. Soms zomerlinde
Struiken Struiken en lianen: Aalbes, eenstijlige meidoorn, gewone vlier, hazelaar, klimop, vogelkers, wilde kardinaalsmuts, witte abeel. Toepasbaar zijn ook: zoete kers, Gelderse roos, hondsroos, rode kornoelje, sleedoorn, taxus.
Linanen Lianen: bosrank, klimop, hop.
Kruidlaag Nectar- en stuifmeelplanten: Kenmerkende soorten: gewone vogelmelk, maartsviooltje, klimopereprijs, look-zonder-look, slangenlook, vingerhelmbloem, wilde hyacint. -- Overige soorten: Akkerkool, bosandoorn, dagkoekoeksbloem, daslook, fluitenkruid, geel nagelkruid, gele anemoon, gewone berenklauw, gewone hennepnetel, knopig helmkruid, kruipende boterbloem, hondsdraf, robertskruid, speenkruid, stengelloze sleutelbloem stinkende gouwe, witte dovenetel en zevenblad. Aangeplant en verwilderd in stinzen en landgoedbossen: knikkende vogelmelk, sneeuwklokje en wilde narcis.
Geen bijenplanten: Kenmerkende soorten: kraailook. -- Overige soorten: drienerfmuur, gevlekte aronskelk, grote keverorchis, grote brandnetel, gulden boterbloem, kleefkruid, kropaar, ridderzuring, ruw beemdgras, ruwe smele, schaafstro, schaduwgras
Een bosrand op kalkrijk zand -- In dit ondergelopen bos bij Elst, bevindt zich een grensgebied tussen beuken-eikenbos van de voedselarme bodems en die van de rijke bodems. Door de geregelde hoogwaterstanden wordt de kenmerkende abelen-iepenbos vegetatie in stand gehouden. In de winter van 1993-1994 en jan-feb 1995 was deze extreem hoog. Deze foto is van recentere datum. (Elst, voet Amerongse Berg 1998)
 
Een bosrand op kalkrijk zand -- Het zelfde bos op ongeveer dezelfde plek (Elst, voet Amerongse Berg 2008). Twee kensoorten van het abelen-iepenbos komen hier voor: gewone vogelmelk op veel plekken van vaak niet bloeiend; slangenlook talrijk. Zie detail bosgedeelte met beide planten
 
Detail abelen-iepenbos met op de voorgrond gewone vogelmelk slangenlook (Elst, voet Amerongse Berg 2008) Zie ook uitsnede
 
Speenkruid met bosanemoon -- In een bos bij Elst, aan de voet van de Amerongse berg, bevindt zich een grensgebied tussen beuken-eikenbos van de voedselarme bodems en die van de rijke bodems. Het speenkruid geeft hier de grens aan. Door de geregelde hoogwaterstanden wordt de kenmerkende abelen-iepenbosvegetatie in stand gehouden. In de winter van 1993-1994 en jan-feb 1995 was de waterstand extreem hoog. (Elst, voet Amerongse Berg 2002)
 
Dolle kervel is meer een soort van struwelen dan van bossen, maar in iepenbos-achtigtige vegetaties kan deze soort langs randen en open pekken pleksgewijs dominant aanwezig zijn. In het de periode november-maart staat het hier soms een halve meter of meer onderwater. De echte kenmerkende soorten van het abele-iepenbos ontbreken op deze plek. (Rhenen voet Grebbenberg 2008)
 
Holypark Vlaardingen -- Hier is vingerhelmbloem en bosanemoon toegepast. Vingerhelmbloem neemt hier snel toe omdat de mieren het zaad verspreiden. Bosanemoon ontwikkelt zich vrij langzaam. Dit bosje is op het moment van de foto 15 jaar oud. (Vlaardingen 1994). Die is geen abelen-iepenbos. Maar wel enigszins binnenduinachtig ,
 
Thijsse's Hof Bloemendaal -- De natuurtuin van Bloemendaal ligt aan de binnenduinrand. De bodem is kalkrijk. Dit is een goede uitgangssituatie voor een stinzenachtige beplanting die van het abelen-iepenbos is afgeleid. (Bloemendaal 1993)
 
 
 
Verschillen abelen-iepenbos en essen-iepenbos

Het grootste verschil tussen het abelen-iepenbos en essen-iepenbos zit in de bodem en waterhuishouding. Het abelen-iepenbos is vaak beperkt tot smalle stroken die soms niet breder zijn dan enkele meters. Het gaat hierbij om smalle bosranden. In het rivierengebied hangt de breedte van het Abelen-iepenbos sterk af van de steilte van de beboste helling. Bij de steile Wageningse berg is dat beperkt tot enkele meters. Bij Elst waar het bos geleidelijk in de uiterwaard over gaat is dat meer dan 10 meter. Maar ook hier gaat het slechts om een bosrand. Omdat veel stedelijke beplantingen veel overeenkomsten hebben met bosranden is het Abelen-iepenbos als een inspiratiebron goed bruikbaar.

De verschillen tussen beide bostypen zijn gering en moeten vooral worden gezocht in de struik- en kruidlaag. In de boomlaag kan witte abeel voorkomen, maar die ontbreekt meestal, evenals tweestijlige meidoorn in de struiklaag.
De meest karakteristieke soorten van het abelen-iepenbos zijn gewone vogelmelk en vingerhelmbloem. Verder een aantal zeldzame soorten zoals slangenlook, gele anemoon en wilde hyacint. In het essen-iepenbos ontbreken deze soorten. Als stinzenplanten doen holwortel en bostulp het aanzienlijk beter in essen-iepenbos dan abelen-iepenbos. In het ene bostype zijn sommige plantensoorten beter vertegenwoordigd dan in het ander. Speenkruid komt in het Abelen-iepenbos veel meer voor. Deze verschillen zijn echter meer in tabellen terug te vinden dan in veldsituaties. Voor de praktijk van beplanting en ontwerp is het verschil tussen de houtige soorten zeer gering.

 

 

8 Elzenrijk essen- en iepenbos (B5) (Stinzenvorm essen-iepenbos: zie Werf, 1991)

Bodem
Vochtig tot zeer vochtig 10-40 (voorjaar (120cm zomer) Voedselrijk Niet venige zee- en rivierklei- en zavelgronden; eerdgronden, vaaggronden, bodems met kleidek Basenrijk water pH kan onder 6 dalen; humusrijk
Bomen Hoofdsoorten: Gewone es en zwarte els.
  Begeleidende soorten: Gladde iep, schietwilg, vogelkers, zomereik.
Struiken Aalbes, eenstijlige meidoorn, gelderse roos, gewone vlier, grauwe wilg, sleedoorn, Spaanse aak, sporkehout, wegedoorn, zwarte bes.
Lianen Hop
Kruidlaag Nectar- en stuifmeelplanten: (indien halfschaduw) Echte valeriaan, gele lis, gewone engelwortel, gewone smeerwortel, groot springzaad, grote wederik, hondsdraf, kruipende boterbloem, moerasspirea, penningkruid. (bitterzoet, kleine kaardenbol, wilde hyacint). Kruiden (essen-elzentype, volgens Koningen, 1986) -- Bosandoorn, bosanemoon, bosvergeet-mij-nietje, daslook, geel nagelkruid, groot heksenkruid, kleine kaardenbol, kruipend zenegroen, robertskruid, (wilde narcis).
Geen bijenplanten: Gevlekte aronskelk, brede wespenorchis, grote brandnetel, kleefkruid, klimopereprijs, kruipende boterbloem.
11 Eiken- essenbos
Bodem
Vochtig Matig voedselrijk Minerale bodems; vaaggronden, eerdgronden pH5,5-7 Humeus
Bomen Hoofdhoutsoorten: Eik en gewone es.
Begeleidende soorten: Zachte berk, vogelkers, gladde iep, zwarte els, witte els, zoete kers, grauwe abeel.
Struiken Eenstijlige meidoorn, Gelderse roos, haagbeuk, hondsroos, hulst, rode kornoelje, Spaanse aak, trosvlier, sporkehout, wegedoorn, wilde liguster.
Lianen Hop.
Kruiden De meeste soorten van Essen-iepenbos (9)
Toepassing: Alle houtige soorten en de meeste kruiden kunnen op vochtige, voedselrijke minerale bodems worden toegepast.
Legenda
Bij houtige soorten en lianen: soorten die door bijen worden bezocht.
Bij kruidlaag: soorten die kunnen worden geïntroduceerd (planten of zaaien) voor informatie per plant zie plantenvademecum (Koster 2007).