script language="Javascript1.2">
Sluit deze pag. met kruisje rechts boven!
10 Meidoorn-berkenbos en 12 berk met wilg: toepasbare houtige soorten en voorkomende kruiden--
Dit bostype komt voor in duinvalleien van het kalkrijke duingebied ten zuiden van Bergen aan Zee. De bosjes worden, in tegenstelling tot berkenbossen in het binnenland niet hoger dan 10 meter. Door de kreupele bomen lijken ze op het eerste gezicht sterk op berkenbos zoals dat in extreme milieus in Noord en Noordwest-Europa wordt aangetroffen. De bosjes worden meestal niet ouder dan een halve eeuw. Voor landschappelijke beplanting is dit bostype niet van betekenis. In zijn structuur is het niet te evenaren, maar het kan wel een inspiratiebron zijn voor stedelijke toepassing op rijkere maar niet te zware bodems. De stammen zullen dan aanzienlijk rechter blijven dan in de duinen het geval is. (zie stadsvariant met wilg).
Bodem
Vochtig winterpeil tot 30cm onder maaiveld Schraal/matig voedselrijk Duinzand; vaaggronden Kalkhoudend pH5,5-6,5 Humeus
Bomen Hoofdhoutsoorten: Zachte berk
Begeleidende soorten: Ratelpopulier, ruwe berk, wilde lijsterbes, zomereik, zwarte els
Struiken Elegantier, hondsroos, kruipwilg, wilde liguster, eenstijlige meidoorn, Gelderse roos, kruisbes, vogelkers, wegedoorn, wilde kardinaalsmuts, wilde lijsterbes. Verder ook dauwbraam.
Lianen wilde kamperfoelie.
Kruidlaag Nectar en stuifmeelplanten: Echte kenmerkende soorten ontbreken. Min of meer karakteristiek zijn: bleeksporig bosviooltje, duinsalomonszegel, hondstong. -- Overige soorten: bergbasterdwederik, bitterzoet, bosaardbei, bosandoorn, dagkoekoeksbloem, echte valeriaan, geel nagelkruid, gewone berenklauw, gewone brunel, gewone engelwortel, gewone ereprijs, gewone hennepnetel, gewone klit, grote kattenstaart, heggenrank, hondsdraf, kale jonker, koninginnenkruid, kruipend zenegroen, mannetjes ereprijs, maarts viooltje, muursla, robertskruid, roze winterpostelein, ruig viooltje, stinkende gouwe, veelbloemige salomonszegel, watermunt en zevenblad.
  Geen bijenplanten: Min of meer karakteristiek zijn: gestreepte witbol, grote keverorchis, heggendoornzaad. -- Overige soorten: brede stekelvaren, d duinriet, drienerfmuur, kleefkruid, ruw beemdgras, schaduwgras, waternavel, zandzegge.
Berkenbos op zijn retour -- Het meidoorn-berkenbos wordt in ons klimaat niet ouder dan 50 jaar. Daarna wordt het niet meer vervangen. (Noord-Hollandse duingebied 2006)
Een toepassing
Stadsvariant beplantingen met berk-wilg (B5c) (assortiment naar Koningen, 1985)
Bodem
Vochtig (stad) Matig voedselrijk Minerale bodems; vaaggronden, eerdgronden Neutraal Humeus
Bomen Hoofdhoutsoort: Ruwe berk
Begeleidende soorten: Zachte berk, zwarte els, witte els, Canadese populier, zomereik, wilde lijsterbes.
Struiken Amerikaans krentenboompje, boswilg, Gelderse roos, grauwe wilg, kruisbes, Spaanse aak, gewone vlier, vogelkers, sporkehout, wegedoorn,
Lianen Wilde kamperfoelie.
Kruiden Nectar en stuifmelplanten: Boerenkrokus, bosaardbei, dagkoekoeksbloem, gewone vogelmelk, gewoon sneeuwklokje, heggenrank, klimopereprijs, rankende helmbloem, roze winterpostelein, stinkende gouwe.
Geen bijenplanten: Brede stekelvaren, koningsvaren. Meestal spontaan: fluitenkruid, geel nagelkruid, gewone berenklauw, gewone hennepnetel, grote brandnetel, kruipende boterbloem, hondsdraf, kleefkruid, en zevenblad
Legenda
Bij houtige soorten en Lianen: soorten die door bijen worden bezocht.
Bij kruidlaag: soorten die kunnen worden geïntroduceerd (planten of zaaien) voor informatie per plant zie plantenvademecum (Koster 2007).
Een interpretatie naar stedelijk groen -- In het stedelijke gebied is er veel vrijheid voor interpretatie van natuurbeelden. Stinkende gouwe is hier uitgezaaid. Deze plant zal afnemen en ruimte maken voor andere al dan niet geïntroduceerde soorten. De meeste ecologen verwerpen deze wijze van interpretatie. Maar gezien vanuit de belevingswaarde is er vooral in de stad behoefte aan dergelijke beelden. (Amstelveen 1995)